1 Chronicles 26:32 — Compare Translations

8 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Dat waren nog 2.700 flinke mannen, die familiehoofden waren. Zij werden door koning David aangewezen om in het gebied aan de oostkant van de Jordaan toezicht te houden op het ophalen van de belasting voor de tempel en voor de koning. Dus in het gebied van de stammen van Ruben en Benjamin en de helft van de stam van Manasse.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En zijn broeders waren dappere mannen, zevenentwintighonderd familiehoofden. Koning David stelde hen aan over de Rubenieten, de Gadieten en de halve stam van de Manassieten, voor alle zaken van God en de zaken van de koning.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Zijn verwanten waren kloeke mannen, tweeduizend zevenhonderd, familiehoofden. Dezen stelde koning David aan over de Rubenieten, de Gadieten en de halve stam der Manassieten, voor alles wat de dienst van God en de zaken van de koning betrof.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ook zijn stamgenoten waren kloeke mannen, zeven en twintighonderd familiehoofden in het geheel. Koning David belastte hen met het bestuur van de stam Ruben en Gad en de halve stam Manasse, voor alle aangelegenheden van God en den koning.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Koning David stelde hen aan om bij de stammen Ruben en Gad en de halve stam Manasse toezicht te houden op alles wat de dienst aan de Heer*** en de dienst aan de koning betrof.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zijn broeders waren strijdbare zonen, zevenentwintighonderd hoofden onder de hoofden van de vaderen van de families. Koning David stelde hen aan over de Rubenieten, de Gadieten en de halve stam van Manasse, voor alle zaken van GOD en voor de zaken van de koning.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zijn broeders waren kloeke lieden, twee duizend en zevenhonderd hoofden der vaderen; en de koning David stelde hen over de Rubenieten, en Gadieten, en den halven stam der Manassieten, tot alle zaken Gods en de zaken des konings.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zijn broeders waren kloeke lieden, twee duizend en zevenhonderd hoofden der vaderen; en de koning David stelde hen over de Rubenieten, en Gadieten, en den halven stam der Manassieten, tot alle zaken Gods en de zaken des konings.