1 Corinthians 2:16 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
[ Want de Boeken zeggen:] "Wie kan begrijpen wat de Heer denkt en wat zijn plannen zijn? Wie zou Hem goede raad kunnen geven?" Maar wíj hebben dezelfde manier van denken als Christus gekregen [zodat we Hem kunnen begrijpen].
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Want wie heeft de gedachten van de Heere gekend, dat hij Hem zal onderrichten? Maar wij hebben de gedachten van Christus.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Want wie kent de zin des Heren, dat hij Hem zou voorlichten? Maar wij hebben de zin van Christus.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
"Wie toch kent het inzicht des Heren, dat hij Hem zou onderrichten?" Welnu, wij hebben het inzicht van Christus.
Dutch 2007 (HTB)
Bovendien staat er in de Boeken: "Wie kent de gedachten van de Here? Wie zou Hem raad kunnen geven?" (b) Wij kennen Christus door ons geloof.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Immers: "Wie kent de gedachten van de Heer, dat hij Hem raad zou kunnen geven?" Maar wij hebben de gedachten van Christus.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Want wie kent het denken van de HEERE, dat hij Hem zou kunnen onderwijzen? Wij echter hebben het denken van Christus.
Dutch Frisian
dan „Wäa haft dän Senn vom Harrn ertjant, dee am beleat?" {Jes.40,13-14} Wie oba ha dän Senn Tjristi.
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Immers: “Wie begrijpt het denken van de Heer, wie kan Hem raad geven?” Wij hebben het denken van Christus.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Bovendien staat er in de Boeken: ‘Wie kent de gedachten van de Here? Wie zou Hem raad kunnen geven?’ Wij hebben de gedachten van Christus.
Dutch Reimer 2001
Dan waea haft daem Herr sien Senn jekjant, waea woat am unjarechte? Oba wie ha Christus sien Senn.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Want wie heeft den zin des Heeren gekend, die Hem zou onderrichten? Maar wij hebben den zin van Christus.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Want wie heeft den zin des Heeren gekend, die Hem zou onderrichten? Maar wij hebben den zin van Christus.