1 Kings 1:35 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Breng hem daarna naar mijn paleis en laat hem op mijn troon gaan zitten. Want hij moet in mijn plaats koning worden. Hem wijs ik aan als koning van Israël en Juda."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Daarna moet u achter hem aan de stad binnen trekken, en moet hij komen en op mijn troon gaan zitten. Dan zal híj in mijn plaats koning zijn, want hém heb ik ertoe bestemd vorst te zijn over Israël en over Juda.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Trekt dan achter hem op en laat hij binnenkomen en op mijn troon gaan zitten; hij namelijk moet koning worden in mijn plaats; hem heb ik bestemd tot vorst over Israël en Juda.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Trekt daarop in zijn gevolg de stad binnen, en laat hem dan op mijn troon gaan zitten. Zo zal hij koning zijn in mijn plaats; want hem stel ik aan tot vorst over Israël en Juda.
Dutch 2007 (HTB)
Wanneer u hem daarna weer hier terugbrengt, moet hij op mijn troon plaatsnemen als de nieuwe koning; want ik heb hem benoemd tot koning over Israël en Juda."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Trek achter hem op en laat hem op mijn troon plaatsnemen. Hij zal mij als koning opvolgen. Hem stel ik aan tot heerser van Israël en Juda."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Jullie moeten achter hem aan optrekken en hij zal komen en op mijn troon gaan zitten. Hij zal in mijn plaats koning zijn, want ik heb hem opgedragen om vorst te zijn over Israël en over Juda.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Wanneer u hem daarna weer hier terugbrengt, moet hij op mijn troon plaatsnemen als de nieuwe koning, want ik heb hem benoemd tot koning over Israël en Juda.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Dan zult gij achter hem optrekken, en hij zal komen, en zal op mijn troon zitten, en hij zal koning zijn in mijn plaats; want ik heb geboden, dat hij een voorganger zou zijn over Israël en over Juda.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Dan zult gij achter hem optrekken, en hij zal komen, en zal op mijn troon zitten, en hij zal koning zijn in mijn plaats; want ik heb geboden, dat hij een voorganger zou zijn over Israel en over Juda.