1 Kings 12:7 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ze zeiden tegen hem: "Als u ervoor kiest om te doen wat ze vragen, en hun dus een vriendelijk antwoord geeft, zullen ze u voor altijd dienen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Zij spraken tot hem: Als u heden een dienaar voor dit volk wilt zijn, en als u hen dient, hun antwoord geeft en goede woorden tot hen spreekt, dan zullen zij alle dagen uw dienaren zijn.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Zij zeiden tot hem: Indien gij heden een knecht van dit volk wilt zijn en hen dienen, en in uw antwoord goede woorden tot hen spreekt, dan zullen zij voor altijd uw knechten zijn.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ze zeiden hem: Wanneer ge dit volk nu ter wille zijt en het een goedgunstig antwoord geeft, zal het u voor altijd dienen.
Dutch 2007 (HTB)
En zij antwoordden: "Als u hun een bevestigend antwoord geeft en belooft goed voor hen te zijn en hen op de juiste manier te dienen, zult u voor altijd hun koning kunnen zijn."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ze zeiden tegen hem: "Als u zich vandaag als dienaar van dit volk opstelt en hun ter wille bent met een mild antwoord, zullen ze u voor altijd dienen."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij spraken tot hem en zeiden: “Als u zich vandaag als dienaar van dit volk opstelt, hen dient, hun antwoordt en goede woorden tot hen spreekt, dan zullen zij altijd uw dienaren zijn.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
En zij antwoordden: ‘Als u hun een bevestigend antwoord geeft en belooft goed voor hen te zijn en hen op de juiste manier te dienen, zult u voor altijd hun koning kunnen zijn.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zij spraken tot hem, zeggende: Indien gij heden knecht van dit volk wezen zult, en hen dienen, en hun antwoorden, en tot hen goede woorden spreken zult, zo zullen zij te allen dage uw knechten zijn.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zij spraken tot hem, zeggende: Indien gij heden knecht van dit volk wezen zult, en hen dienen, en hun antwoorden, en tot hen goede woorden spreken zult, zo zullen zij te allen dage uw knechten zijn.