1 Samuel 15:35 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Samuel zag Saul niet meer tot de dag van zijn dood. Hij was erg bedroefd over hem. En de Heer had er spijt van dat Hij Saul als koning van Israël had aangewezen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Samuel zag Saul niet meer tot de dag van zijn dood toe, maar Samuel rouwde over Saul. De HEERE had er berouw over dat Hij Saul tot koning over Israël aangesteld had.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Samuël zag Saul niet meer tot de dag van zijn dood, maar Samuël droeg leed over Saul. En de HERE had berouw, dat Hij Saul tot koning over Israël had aangesteld.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Tot aan zijn stervensdag toe zag Samuël Saul niet meer terug. Daar Samuël echter over Saul bleef treuren, omdat het Jahweh berouwd had, dat Hij hem tot koning over Israël had aangesteld.
Dutch 2007 (HTB)
Samuël zag Saul hierna nooit weer, maar bleef toch voortdurend om hem treuren. En de HERE had er spijt van dat Hij Saul koning over Israël had gemaakt.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Samuel zag Saul niet meer tot aan de dag van zijn dood. Hij was diep bedroefd over hem. En de Heer*** betreurde het dat Hij Saul tot koning van Israël had aangesteld.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Samuël zag Saul niet meer tot op de dag van zijn dood toe, maar Samuël had wel verdriet om Saul. De HEERE betreurde het dat Hij Saul tot koning over Israël had aangesteld.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Samuël zag Saul hierna nooit weer, maar bleef toch voortdurend om hem treuren. En de Here had er spijt van dat Hij Saul koning over Israël had gemaakt.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Samuël zag Saul niet meer tot den dag zijns doods toe; evenwel droeg Samuël leed om Saul; en het berouwde den HEERE, dat Hij Saul tot koning over Israël gemaakt had.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Samuel zag Saul niet meer tot den dag zijns doods toe; evenwel droeg Samuel leed om Saul; en het berouwde den HEERE, dat Hij Saul tot koning over Israel gemaakt had.