1 Samuel 18:8 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen werd Saul woedend. Het lied beviel hem helemaal niet en hij dacht: 'Ze geven David de tienduizenden en mij maar de duizenden. Straks wordt hij ook nog koning!'
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen ontstak Saul in woede; die woorden waren namelijk kwalijk in zijn ogen. Hij zei: Ze hebben er aan David tienduizend gegeven, maar mij hebben ze er maar duizend gegeven; het koninkrijk zal zeker nog eens voor hém zijn!
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen werd Saul zeer toornig; dit woord mishaagde hem en hij dacht: Aan David hebben zij tienduizenden gegeven, maar aan mij de duizenden; ook het koningschap zal nog voor hem zijn.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Saul werd daarover zeer verstoord. Dat gezang beviel hem niet, en hij sprak: De tienduizenden kennen ze aan David toe, aan mij slechts de duizenden; het ontbreekt er nog maar aan, dat ze hem koning noemen!
Dutch 2007 (HTB)
Dat was natuurlijk iets waar Saul woedend om werd. "Wat zullen we nu krijgen", zei hij bij zichzelf, "ze rekenen David tienduizenden toe en mij slechts duizenden. Als dat zo doorgaat, maken ze hem nog eens koning!"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Dat maakte Saul woedend. Hun woorden bevielen hem helemaal niet en hij zei: 'Ze geven David de tienduizend en mij de duizend. Straks is het koningschap ook nog voor hem!'
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Saul werd heel erg kwaad. In zijn ogen was dit een kwalijke zaak en hij zei bij zichzelf: “Aan David hebben zij tienduizenden gegeven, maar mij hebben zij alleen maar duizenden gegeven. Nog maar even, dan zal ook het koningschap voor hem zijn!”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Dat wekte de woede van Saul. ‘Wat zullen we nu krijgen,’ zei hij bij zichzelf, ‘ze rekenen David tienduizenden toe en mij slechts duizenden. Als dat zo doorgaat, maken ze hem nog eens koning!’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen ontstak Saul zeer, en dat woord was kwaad in zijn ogen, en hij zeide: Zij hebben David tien duizend gegeven, doch mij hebben zij maar duizend gegeven; en voorzeker zal het koninkrijk nog voor hem zijn.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen ontstak Saul zeer, en dat woord was kwaad in zijn ogen, en hij zeide: Zij hebben David tien duizend gegeven, doch mij hebben zij maar duizend gegeven; en voorzeker zal het koninkrijk nog voor hem zijn.