1 Samuel 19:18 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
David vluchtte naar Samuel in Rama. Hij vertelde hem wat Saul had gedaan. Samuel nam hem mee naar Najot.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Zo vluchtte David en ontkwam. Hij kwam bij Samuel in Rama en vertelde hem alles wat Saul met hem gedaan had. Hij en Samuel gingen op weg en zij bleven in Najoth.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Nadat David gevlucht en ontkomen was, kwam hij bij Samuël te Rama en deelde hem mee al wat Saul hem aangedaan had. Daarop ging hij met Samuël weg en zij bleven te Najot.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Intussen was David gevlucht en had hij zich in veiligheid gesteld. Hij kwam bij Samuël in Rama, vertelde hem alles wat Saul hem had aangedaan en nam met Samuël zijn intrek in het profetenhuis te Rama.
Dutch 2007 (HTB)
Zo wist David te ontvluchten. Hij ging naar Rama om Samuël op te zoeken en vertelde hem wat Saul had gedaan. Samuël nam David toen mee naar Najoth waar zij enige tijd bleven.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Zo vluchtte David en wist te ontkomen. Hij ging naar Samuel in Rama en vertelde hem alles wat Saul hem had aangedaan. Daarna gingen hij en Samuel naar Najot.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zo vluchtte David en ontkwam. Hij kwam bij Samuël in Rama en hij vertelde hem alles wat Saul hem had aangedaan. Hij en Samuël gingen op weg en zij bleven in Najoth.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zo wist David te ontvluchten. Hij ging naar Rama om Samuël op te zoeken en vertelde hem wat Saul had gedaan. Samuël nam David toen mee naar Najoth waar zij enige tijd bleven.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Alzo vluchtte David en ontkwam, en hij kwam tot Samuël te Rama, en hij gaf hem te kennen al wat Saul hem gedaan had; en hij en Samuël gingen heen, en zij bleven te Najoth.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Alzo vluchtte David en ontkwam, en hij kwam tot Samuel te Rama, en hij gaf hem te kennen al wat Saul hem gedaan had; en hij en Samuel gingen heen, en zij bleven te Najoth.