1 Samuel 26:19 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Luister alstublieft naar mij, mijn heer de koning. Als de Heer u tegen mij opstookt, breng Hem dan een offer [om Hem op andere gedachten te brengen]. Maar als het mensen zijn, dan vervloek ik hen omdat ik door hen niet in het land van de Heer kan wonen. Ze zeggen: 'Ga jij maar andere goden dienen.'
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En nu, laat mijn heer de koning toch luisteren naar de woorden van zijn dienaar. Als de HEERE u tegen mij opzet, laat Hem dan de geur van een graanoffer ruiken. Maar als het mensenkinderen zijn, dan zijn zij vervloekt voor het aangezicht van de HEERE, omdat zij mij deze dag verstoten, zodat ik mij niet bij het eigendom van de HEERE kan voegen, en ze zeggen: Ga heen, dien andere goden.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Nu dan, mijn heer de koning luistere naar de woorden van zijn knecht. Indien de HERE u tegen mij opzet, dan moge Hij een offer ruiken; maar indien het mensen zijn, vervloekt zijn zij voor het aangezicht des HEREN, omdat zij mij thans verwijderd houden van de gemeenschap met het erfdeel des HEREN, en zeggen: ga heen, dien andere goden.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar laat mijn heer en koning nu luisteren naar de woorden van zijn dienaar: Als het Jahweh is, die u tegen mij opzet, moge Hij dan de geur van een offer aanvaarden. Maar als het mensen zijn, mogen zij dan gevloekt zijn voor Jahweh, omdat ze mij thans verdreven hebben en uitgesloten van Jahweh’s erfdeel, en mij hebben gezegd: "Ga andere goden dienen!"
Dutch 2007 (HTB)
Luister goed naar wat ik u nu te zeggen heb. Als de HERE u tegen mij heeft opgezet, wend dan Zijn toorn af met een offer. Maar als dit uitsluitend de opzet van een mens is, laat hij dan door God vervloekt zijn. Want u hebt mij uit mijn huis gejaagd, zodat ik niet meer bij het volk van de HERE kan zijn. Ja, u hebt mij weggestuurd en gezegd: 'Ga de heidense goden maar aanbidden.'
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Luister alstublieft naar mij, mijn heer de koning. Als de Heer*** u tegen mij opzet, laat de geur van een offer Hem dan verzoenen. Maar als het mensen zijn, laten zij dan door de Heer*** vervloekt zijn, omdat ze mij hebben verdreven, zodat ik geen deel kan uitmaken van het eigendom van de Heer***, en ze zeggen: 'Ga jij maar andere goden dienen.'
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Nu dan, laat mijn heer, de koning, toch luisteren naar de woorden van zijn dienaar. Als de HEERE u tegen mij heeft opgezet, mag Hij dan een spijs offer ruiken, maar als het mensenkinderen zijn, dan zijn zij vervloekt voor het aangezicht van de HEERE, omdat zij mij vandaag de toegang tot het erfdeel van de HEERE ontzegd hebben en zeggen: ‘Ga heen, dien andere goden.’
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Luister toch naar wat ik u te zeggen heb. Als de Here u tegen mij heeft opgezet, wend dan zijn toorn af met een offer. Maar als dit uitsluitend de opzet van een mens is, laat hij dan door God vervloekt zijn. Want u hebt mij uit mijn huis gejaagd, zodat ik niet meer bij het volk van de Here kan zijn. Ja, u hebt mij weggestuurd en gezegd: “Ga de heidense goden maar aanbidden.”
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En nu, mijn heer de koning hore toch naar de woorden zijns knechts. Indien de HEERE u tegen mij aanport, laat Hem het spijsoffer rieken; maar indien het mensenkinderen zijn, zo zijn zij vervloekt voor het aangezicht des HEEREN, dewijl zij mij heden verstoten, dat ik niet mag vastgehecht blijven in het erfdeel des HEEREN, zeggende: Ga heen, dien andere goden.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En nu, mijn heer de koning hore toch naar de woorden zijns knechts. Indien de HEERE u tegen mij aanport, laat Hem het spijsoffer rieken; maar indien het mensenkinderen zijn, zo zijn zij vervloekt voor het aangezicht des HEEREN, dewijl zij mij heden verstoten, dat ik niet mag vastgehecht blijven in het erfdeel des HEEREN, zeggende: Ga heen, dien andere goden.