1 Samuel 30:14 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
We hadden het gebied van de Keretieten aangevallen. Ook het gebied van de stam van Juda en het gebied van de familie van Kaleb. En we hebben Ziklag in brand gestoken."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Wij hadden een inval gedaan in het Zuiderland van de Cherethieten, dat aan Juda toebehoort, en in het Zuiderland van Kaleb; en wij hebben Ziklag met vuur verbrand.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Wij hadden een inval gedaan in het Zuiderland van de Keretieten, in het gebied van Juda en in het Zuiderland van Kaleb, en Siklag hebben wij met vuur verbrand.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
We hebben een overval gedaan op de Négeb van de Keretieten, op het grondgebied van Juda en de Négeb van Kaleb, en Sikelag hebben we in brand gestoken.
Dutch 2007 (HTB)
We waren op de terugtocht, nadat we de Kerethieten in de Negeb, het zuiden van Juda en het gebied van Kaleb hadden overvallen. Daarbij hebben we ook de stad Ziklag in de as gelegd."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
We hadden invallen gedaan in het Zuiderland van de Keretieten, in het gebied van Juda en in het Zuiderland van Kaleb. En we hebben Ziklag platgebrand."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Wij waren het zuidelijke gebied van de Keretieten binnengevallen en ook dat van Juda en het zuidelijke gebied van Kaleb, en Ziklag hebben we met vuur verbrand.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
We waren op de terugtocht, nadat we de Kerethieten in de Negev, het zuiden van Juda en het gebied van Kaleb hadden overvallen. Daarbij hebben we ook de stad Ziklag in de as gelegd.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Wij waren ingevallen tegen het zuiden van de Cherethieten, en op hetgeen van Juda is, en tegen het zuiden van Kaleb; en wij hebben Ziklag met vuur verbrand.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Wij waren ingevallen tegen het zuiden van de Cherethieten, en op hetgeen van Juda is, en tegen het zuiden van Kaleb; en wij hebben Ziklag met vuur verbrand.