2 Chronicles 34:26 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar zeg tegen de koning van Juda, die jullie heeft gestuurd om Mij om raad te vragen: Dit zegt de Heer, de God van Israël: u heeft gehoord wat er in het wetboek staat.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Maar tegen de koning van Juda, die u gestuurd heeft om de HEERE te raadplegen, tegen hem moet u dit zeggen: Zo zegt de HEERE, de God van Israël: Wat betreft de woorden die u gehoord hebt,
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Maar tot de koning van Juda, die u zond om de HERE te raadplegen, tot hem zult gij aldus zeggen: zo zegt de HERE, de God van Israël: wat de woorden betreft die gij gehoord hebt –
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar aan den koning van Juda, die u gestuurd heeft, om Jahweh te raadplegen, kunt ge dit zeggen: Zo spreekt Jahweh, Israëls God!
Dutch 2007 (HTB)
Maar de HERE zegt tevens tegen de koning van Juda, die u naar mij heeft gestuurd om hierover de HERE te vragen: 'Zeg hem, dat de HERE, de God van Israël, zegt:
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar tegen de koning van Juda, die jullie heeft gestuurd om de Heer*** te raadplegen, tegen hem moeten jullie zeggen: Dit zegt de Heer***, de God van Israël:
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Maar tegen de koning van Juda, die jullie gezonden heeft om de HEERE raad te vragen, tegen hem moeten jullie dit zeggen: ‘Zo zegt de HEERE, de GOD van Israël: Wat betreft de woorden die je gehoord hebt:
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar de Here zegt tevens tegen de koning van Juda, die u naar mij heeft gestuurd om hierover de Here te vragen: “Zeg hem, dat de Here, de God van Israël, zegt:
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar tot den koning van Juda, die ulieden gezonden heeft, om den HEERE te vragen, tot hem zult gij alzo zeggen: Zo zegt de HEERE, de God Israëls: Aangaande de woorden, die gij hebt gehoord;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar tot den koning van Juda, die ulieden gezonden heeft, om den HEERE te vragen, tot hem zult gij alzo zeggen: Zo zegt de HEERE, de God Israels: Aangaande de woorden, die gij hebt gehoord;