2 Chronicles 34:9 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ze gingen naar de hogepriester Hilkia en gaven hem het geld dat de deurwachters hadden ontvangen van de stammen van Manasse en Efraïm. Ook het geld van de mensen die nog over waren van [het koninkrijk] Israël, en van heel Juda en Benjamin en van de bewoners van Jeruzalem.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Zij gingen naar de hogepriester Hilkia, en gaven al het geld dat in het huis van God gebracht was, dat de Levieten, de deurwachters, ingezameld hadden uit de hand van Manasse en Efraïm, van heel het overblijfsel van Israël en van heel Juda en Benjamin, en die daarmee naar Jeruzalem teruggekeerd waren.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zij bij de hogepriester Chilkia gekomen waren, droegen zij het geld af, dat in het huis Gods gebracht was, en dat de Levieten, de dorpelwachters, uit Manasse en Efraïm, uit het gehele overblijfsel van Israël, uit geheel Juda en Benjamin en van de inwoners van Jeruzalem bijeengebracht hadden.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zij kwamen bij den hogepriester Chilki-jáhoe en overhandigden hem het geld, dat in het Godshuis was opgehaald, en dat de levietische dorpelwachters bij Manasse en Efraïm, bij heel de overgebleven bevolking van Israël, en bij heel Juda en Benjamin en de burgers van Jerusalem hadden ingezameld.
Dutch 2007 (HTB)
Zij gingen naar de hogepriester Hilkia en gaven hem het geld dat bij de tempeltoegangen in ontvangst was genomen door de Levieten die daar de wacht hielden. De mensen die naar de tempel waren gekomen met hun gaven, waren afkomstig uit Manasse, Efraïm, de andere overgebleven delen van Israël, uit Juda en Benjamin en uit Jeruzalem zelf.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ze gingen naar de hogepriester Hilkia en gaven hem het geld dat naar het huis van God gebracht was en door de Levitische deurwachters in ontvangst was genomen van de mensen uit Manasse en Efraïm en van wie er verder overgebleven waren van [het koninkrijk] Israël, van de mensen uit heel Juda en Benjamin en van de inwoners van Jeruzalem.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij kwamen bij Hilkia, de hogepriester, en gaven hem het zilver geld dat in het Huis van GOD gebracht was, dat de Levieten, die de toegang bewaakten, hadden ingezameld uit de hand van Manasse en Efraïm, van heel het overblijfsel van Israël, van heel Juda en Benjamin en van de inwoners van Jeruzalem.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zij gingen naar de hogepriester Hilkia en gaven hem het geld dat bij de tempeltoegangen in ontvangst was genomen door de Levieten die daar de wacht hielden. De mensen die naar de tempel waren gekomen met hun gaven, waren afkomstig uit Manasse, Efraïm, de andere overgebleven delen van Israël, uit Juda en Benjamin en uit Jeruzalem zelf.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zij kwamen tot Hilkía, den hogepriester, en zij gaven het geld, dat ten huize Gods gebracht was, hetwelk de Levieten, die den dorpel bewaarden, vergaderd hadden uit de hand van Manasse en Efraïm, en uit het ganse overblijfsel van Israël, en uit gans Juda en Benjamin, en te Jeruzalem wedergekomen waren;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zij kwamen tot Hilkia, den hogepriester, en zij gaven het geld, dat ten huize Gods gebracht was, hetwelk de Levieten, die den dorpel bewaarden, vergaderd hadden uit de hand van Manasse en Efraim, en uit het ganse overblijfsel van Israel, en uit gans Juda en Benjamin, en te Jeruzalem wedergekomen waren;