2 Chronicles 8:9 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar de Israëlieten maakte hij niet tot slaven. Zij waren zijn soldaten, dienaren in het paleis, leiders, aanvoerders en hoofdmannen van zijn strijdwagens en ruiters.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Uit de Israëlieten echter die Salomo niet tot slaven aanstelde voor zijn werk — zij waren immers strijdbare mannen, bevelhebbers over zijn officieren en de bevelhebbers over zijn wagens en zijn ruiters —
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Maar van de Israëlieten maakte Salomo niemand tot slaaf voor zijn arbeid; zij waren echter krijgslieden, oversten van zijn garde, en oversten van zijn wagens en ruiters.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar van de Israëlieten maakte Salomon niemand tot arbeider; zij waren zijn soldaten, hovelingen, legeroversten, bevelvoerders, wagenmenners en ruiters.
Dutch 2007 (HTB)
De Israëlitische burgers maakte hij echter niet tot slaven. Hij stelde hen te werk als soldaten, officieren en ruiters.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar Salomo maakte geen Israëlieten tot slaven om dit alles te bouwen; zij waren zijn krijgslieden, bevelhebbers en aanvoerders van zijn wagens en ruiters.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Uit de zonen van Israël maakte Salomo niemand slaaf voor zijn werk, want het waren ervaren strijders: oversten van zijn leger officieren en oversten van zijn wagens en van zijn ruiters.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
De Israëlitische burgers maakte hij echter niet tot slaven. Hij stelde hen te werk als soldaten, officieren en ruiters.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Doch uit de kinderen Israëls, die Sálomo niet maakte tot slaven in zijn werk; (want zij waren krijgslieden, en oversten zijner hoofdlieden, en oversten zijner wagenen en zijner ruiteren);
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Doch uit de kinderen Israels, die Salomo niet maakte tot slaven in zijn werk; (want zij waren krijgslieden, en oversten zijner hoofdlieden, en oversten zijner wagenen en zijner ruiteren);