2 Kings 10:29 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Alleen haalde hij de gouden kalveren in Bet-El en Dan niet weg. Dat waren de kalveren die koning Jerobeam, de zoon van Nebat, daar had neergezet en samen met Israël had aanbeden. De mensen gingen gewoon door met het aanbidden van de kalveren.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Alleen week Jehu niet af van het navolgen van de zonden van Jerobeam, de zoon van Nebat, die Israël deed zondigen, te weten van de gouden kalveren die in Bethel en die in Dan waren.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Alleen week Jehu niet af van de zonden die Jerobeam, de zoon van Nebat, Israël had doen bedrijven: de gouden kalveren die in Betel en in Dan waren.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Toch maakte ook Jehoe geen einde aan de zonde, waartoe Jeroboam, de zoon van Nebat, Israël had verleid met de gouden kalveren te Betel en Dan.
Dutch 2007 (HTB)
Hij vernietigde de gouden kalveren in Bethel en Dan echter niet. De verering van deze beelden was de grote zonde van Jerobeam, de zoon van Nebat, waarin heel Israël werd meegesleept.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar hij volhardde in de zonden van Jerobeam, de zoon van Nebat, die Israël tot zonde had aangezet, namelijk de gouden stierkalveren die in Bet-El en in Dan stonden.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Maar Jehu hield niet op de zonden na te volgen van Jerobeam, de zoon van Nebat, die Israël deed zondigen: de gouden kalveren die in Beth-El en in Dan stonden.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hij vernietigde de gouden kalveren in Betel en Dan echter niet. De verering van deze beelden was de grote zonde van Jerobeam, de zoon van Nebat, waarin heel Israël werd meegesleept.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar van de zonden van Jeróbeam, den zoon van Nebat, die Israël zondigen deed, na te volgen, week Jehu niet af, te weten, van de gouden kalveren, die te Beth-El en die te Dan waren.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar van de zonden van Jerobeam, den zoon van Nebat, die Israel zondigen deed, na te volgen, week Jehu niet af, te weten, van de gouden kalveren, die te Beth-El en die te Dan waren.