2 Kings 4:6 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen alles vol was, zei ze tegen één van haar zonen: "Breng me nóg een kruik." Maar hij zei: "Er zijn geen kruiken meer." Toen was de olie in het kruikje op.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En het gebeurde, toen die kruiken vol waren, dat zij tegen haar zoon zei: Geef mij nog een kruik aan. Maar hij zei tegen haar: Er is geen kruik meer. Toen hield de olie op te stromen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen de vaten vol waren, zeide zij tot haar zoon: Breng mij nog een vat. Maar hij zeide tot haar: Er is geen vat meer. Toen hield de olie op te stromen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Toen de vaten vol waren, zei ze tot haar zoon: Geef me nog een ander vat. Maar hij antwoordde haar: Er is geen meer. En nu hield de olie op met vloeien.
Dutch 2007 (HTB)
Al gauw zat alles tot de rand toe vol. "Breng mij nog een kruik", zei zij tegen haar zonen. "Maar er zijn er geen meer", zeiden de jongens. Toen hield de olie op te stromen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen alles vol was, zei ze tegen haar zoon: "Geef me nog eens een kruik aan." Maar hij zei: "Er zijn geen kruiken meer." Toen hield de olie op en stroomde niet meer.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen die kruiken vol waren, kwam het zover, dat zij tegen haar zoon zei: “Breng mij nog een kruik!”, maar hij zei tegen haar: “Er is geen kruik meer.” Toen hield de olie op te stromen.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Al gauw zat alles tot de rand toe vol. ‘Breng mij nog een kruik,’ zei zij tegen haar zonen. ‘Maar er zijn er geen meer,’ zeiden de jongens. Toen hield de olie op te stromen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En het geschiedde, als die vaten vol waren, dat zij tot haar zoon zeide: Breng mij nog een vat aan; maar hij zeide tot haar: Er is geen vat meer. En de olie stond stil.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En het geschiedde, als die vaten vol waren, dat zij tot haar zoon zeide: Breng mij nog een vat aan; maar hij zeide tot haar: Er is geen vat meer. En de olie stond stil.