2 Kings 5:20 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen bedacht Gehazi, de dienaar van Elisa: "Wat jammer dat mijn heer niets van deze Arameeër wilde aannemen! En hij had zoveel meegebracht! Ik zal hem achterna gaan en iets van hem vragen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
zei Gehazi, de knecht van Elisa, de man Gods: Zie, mijn heer heeft Naäman, die Syriër, tegengehouden; hij heeft uit zijn hand niets aangenomen van wat hij meegebracht had. Maar zo waar de HEERE leeft, ik zal hem achterna rennen en wel iets van hem aannemen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
dacht Gechazi, de knecht van Elisa, de man Gods: Zie, daar heeft mijn heer deze Arameeër Naäman ontzien door niets van hem aan te nemen van wat hij had meegebracht! Zo waar de HERE leeft, ik snel hem achterna en neem iets van hem aan.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
zeide Gechazi, de dienaar van den godsman Eliseus, bij zichzelf: Mijn heer heeft dien Arameër Naäman wel gespaard, door niets van hem aan te nemen van al wat hij meebracht. Zo waar Jahweh leeft; ik loop hem achterna, en zie wat van hem te krijgen.
Dutch 2007 (HTB)
Maar Elisa's dienaar Gehazi dacht bij zichzelf: "Mijn meester had deze man niet weg mogen laten gaan zonder zijn geschenken aan te nemen. Ik ga achter hem aan om nog iets van hem aan te nemen."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen Naäman nog maar net vertrokken was, bedacht Gehazi, de dienaar van de godsman Elisa: "Mijn heer heeft niets willen aannemen van wat deze Arameeër, Naäman, had meebracht. Maar zo waar de Heer*** leeft, ik zal hem gauw achternagaan en iets van hem aannemen."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Gehazi, de knecht van Elisa, de man van GOD, zei bij zichzelf: “Zie, mijn heer heeft Naäman, die Arameeër, ontzien door helemaal niets van wat hij had meegebracht uit zijn hand aan te nemen. Zowaar de HEERE leeft, ik zal hem snel achterna gaan en wat van hem aannemen!”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar Elisaʼs dienaar Gehazi dacht bij zichzelf: ‘Mijn meester had deze man niet weg mogen laten gaan zonder zijn geschenken aan te nemen. Ik ga achter hem aan om nog iets van hem aan te nemen.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Géhazi nu, de jongen van Elísa, den man Gods, zeide: Zie, mijn heer heeft Náäman, dien Syriër belet, dat men uit zijn hand niet genomen heeft, wat hij gebracht had; maar zo waarachtig als de HEERE leeft, ik zal hem nalopen, en zal wat van hem nemen!
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Gehazi nu, de jongen van Elisa, den man Gods, zeide: Zie, mijn heer heeft Naaman, dien Syrier belet, dat men uit zijn hand niet genomen heeft, wat hij gebracht had; maar zo waarachtig als de HEERE leeft, ik zal hem nalopen, en zal wat van hem nemen!