2 Samuel 14:32 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Absalom antwoordde Joab: "Ik heb je laten roepen, want ik wil dat je voor mij naar de koning gaat. Zeg tegen hem: 'Absalom vraagt: Waarom heeft u mij uit Gesur laten komen? Ik had beter daar kunnen blijven. Ik wil u spreken. Als ik schuldig ben, mag u mij doden'."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En Absalom zei tegen Joab: Zie, ik heb een bode naar u gestuurd om te zeggen: Kom hierheen, zodat ik u naar de koning kan sturen om te zeggen: Waarom ben ik uit Gesur terug gekomen? Het zou mij beter zijn als ik nog daar was. Nu dan, laat mij het gezicht van de koning zien. Als er nog schuld in mij is, laat hij mij dan doden.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Absalom antwoordde Joab: Zie, ik heb tot u de boodschap gezonden: kom hierheen, opdat ik u naar de koning zende om te zeggen: waarom ben ik van Gesur gekomen? Ik had beter daar kunnen blijven. En nu wil ik het aangezicht van de koning zien. Indien ik schuldig ben, laat hij mij dan ter dood brengen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Absalom gaf Joab ten antwoord: Wel, ik heb u laten verzoeken, eens bij me te komen. Ik wilde u aan den koning laten vragen: Waarom ben ik eigenlijk uit Gesjoer gekomen? Het zou beter voor me zijn, als ik daar was gebleven. Nu wil ik ofwel door den koning ontvangen worden, óf hij moet me maar doden, als ik nog schuld heb.
Dutch 2007 (HTB)
Absalom antwoordde: "Omdat ik wilde dat u de koning ging vragen waarom hij mij uit Gesur liet terugkomen als hij mij toch niet wil zien. Ik had net zo goed daar kunnen blijven. Zorg ervoor dat ik een gesprek met de koning krijg; als hij mij dan nog schuldig acht, mag hij mij laten doden."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Absalom antwoordde Joab: "Ik had je ontboden, omdat ik wil dat je namens mij aan de koning vraagt: 'Waarom ben ik uit Gesur teruggekomen? Ik had beter daar kunnen blijven. Ik wil u zien. Als ik schuldig ben, dood mij dan.' "
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Absalom zei tegen Joab: “Zie, ik heb een bode naar je toegestuurd om te zeggen: ‘Kom hierheen, opdat ik je naar de koning zou zenden om te zeggen: Waarom ben ik uit Gesur gekomen? Het zou beter voor me zijn als ik nog daar was.’ Nu dan, ik moet het gezicht van de koning zien. Als er in mij nog ongerechtigheid is, laat hij mij dan doden.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Absalom antwoordde: ‘Omdat ik wilde dat u de koning ging vragen waarom hij mij uit Gesur liet terugkomen als hij mij toch niet wil zien. Ik had net zo goed daar kunnen blijven. Zorg ervoor dat ik een gesprek met de koning krijg. Als hij mij dan nog schuldig acht, mag hij mij laten doden.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Absalom zeide tot Joab: Zie, ik heb tot u gezonden, zeggende: Kom herwaarts, dat ik u tot den koning zende, om te zeggen: Waarom ben ik van Gesur gekomen? Het ware mij goed, dat ik nog daar ware; nu dan, laat mij het aangezicht des konings zien; is er dan nog een misdaad in mij, zo dode hij mij.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Absalom zeide tot Joab: Zie, ik heb tot u gezonden, zeggende: Kom herwaarts, dat ik u tot den koning zende, om te zeggen: Waarom ben ik van Gesur gekomen? Het ware mij goed, dat ik nog daar ware; nu dan, laat mij het aangezicht des konings zien; is er dan nog een misdaad in mij, zo dode hij mij.