2 Samuel 19:22 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar David zei: "Wat hebben jullie daarmee te maken? Jullie doen vandaag alsof jullie mijn vijanden zijn. Hoe kunnen jullie vandaag iemand in Israël doden? Ik ben vandaag immers weer koning van Israël geworden!"
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Maar David zei: Wat heb ik met u te maken, zonen van Zeruja, dat u mij vandaag tot tegenstander bent? Zou er vandaag iemand in Israël gedood worden? Immers, weet ik niet dat ik vandaag weer koning geworden ben over Israël?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Maar David zeide: Wat heb ik met u te doen, zonen van Seruja, dat gij thans mijn tegenstanders zijt? Zou heden iemand in Israël ter dood gebracht worden? Ik weet immers, dat ik heden weer koning over Israël ben.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar David sprak: Wat moet dat betekenen, zonen van Seroeja? Waarom zoudt gij mij vandaag willen tegenwerken? Mag vandaag iemand in Israël sterven; vandaag, nu ik weet, dat ik weer koning ben?
Dutch 2007 (HTB)
"Houdt u erbuiten en val me niet lastig!" beet de koning hem toe. "Dit is geen dag voor doodstraffen, maar voor feestvreugde! Ik ben opnieuw koning van Israël geworden."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar David zei: "Wat hebben jullie ermee te maken, zonen van Zeruja? Heb ik jou vandaag als aanklager gevraagd? Hoe zou er vandaag iemand in Israël ter dood gebracht kunnen worden? Vandaag weet ik immers dat ik koning van Israël ben!"
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen antwoordde Abisai, de zoon van Zeruja, en zei: “Zou Simeï hiervoor niet gedood moeten worden? Hij heeft immers de gezalfde van de HEERE vervloekt.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Houdt u erbuiten en val me niet lastig!’ beet de koning hem toe. ‘Dit is geen dag voor doodstraffen, maar voor feestvreugde! Ik ben opnieuw koning van Israël geworden.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar David zeide: Wat heb ik met ulieden te doen, gij zonen van Zerúja! Dat gij mij heden ten satan zoudt zijn? Zou heden iemand gedood worden in Israël? Want weet ik niet, dat ik heden koning geworden ben over Israël?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar David zeide: Wat heb ik met ulieden te doen, gij zonen van Zeruja! Dat gij mij heden ten satan zoudt zijn? Zou heden iemand gedood worden in Israel? Want weet ik niet, dat ik heden koning geworden ben over Israel?