2 Samuel 9:10 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ik wil dat jij met je zonen en je knechten voor hem het land bewerkt. En jullie moeten voor hem de oogst binnenhalen, zodat hij te eten zal hebben. En Mefiboset mag steeds bij mij aan tafel eten." Ziba had 15 zonen en 20 knechten.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Daarom moet u voor hem het land bewerken, u, uw zonen en uw slaven, en u moet hem de opbrengst brengen, zodat de zoon van uw heer voedsel heeft om te eten. Mefiboseth, de zoon van uw heer, zal voortdurend aan mijn tafel de maaltijd gebruiken. Nu had Ziba vijftien zonen en twintig slaven.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Gij moet voor hem het land bewerken, gij, uw zonen en uw knechten, en de oogst binnenhalen, opdat de zoon van uw heer te eten hebbe. Mefiboset, de zoon van uw heer, zal geregeld aan mijn tafel eten. Siba nu had vijftien zonen en twintig knechten.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Met uw kinderen en dienaren moet gij voor hem het land bewerken, en hem de opbrengst afdragen voor het levensonderhoud van het gezin van uw heer. Mefibósjet zelf, de zoon van uw heer, zal geregeld aan mijn tafel eten. Nu had Siba vijftien kinderen en twintig knechten.
Dutch 2007 (HTB)
"U en uw zonen en knechten moeten dat land bewerken, zodat het zijn familie van voedsel voorziet; maar hij zelf zal hier bij mij blijven wonen." Ziba, die vijftien zonen en twintig knechten had, antwoordde: "Heer, ik zal doen wat u mij hebt bevolen." Vanaf dat moment zat Mefiboseth regelmatig met koning David aan tafel alsof hij één van zijn eigen zonen was.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Voortaan zul jij met je zonen en je knechten voor hem het land bewerken en de oogsten binnenhalen, zodat de kleinzoon van je heer te eten heeft. En Mefiboset, de kleinzoon van je heer, mag elke dag bij mij aan tafel eten." Ziba had 15 zonen en 20 knechten.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Jij zult de grond voor hem bewerken, jij en je zonen en je dienaren, en je zult de opbrengst binnenhalen opdat de zoon van je heer voedsel heeft om te eten. Mefiboseth, de zoon van je heer, zal steeds de maaltijd aan mijn tafel gebruiken.” Ziba had vijftien zonen en twintig dienaren.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘U en uw zonen en knechten moeten dat land bewerken, zodat het zijn familie van voedsel voorziet, maar hij zelf zal hier bij mij blijven wonen.’ Ziba, die vijftien zonen en twintig knechten had, antwoordde: ‘Heer, ik zal doen wat u mij hebt bevolen.’ Vanaf dat moment zat Mefiboseth regelmatig met koning David aan tafel alsof hij een van zijn eigen zonen was.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Daarom zult gij voor hem het land bearbeiden, gij, en uw zonen, en uw knechten, en zult de vruchten inbrengen, opdat de zoon uws heren brood hebbe, dat hij ete; en Mefibóseth, de zoon uws heren, zal geduriglijk brood eten aan mijn tafel. Ziba nu had vijftien zonen en twintig knechten.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Daarom zult gij voor hem het land bearbeiden, gij, en uw zonen, en uw knechten, en zult de vruchten inbrengen, opdat de zoon uws heren brood hebbe, dat hij ete; en Mefiboseth, de zoon uws heren, zal geduriglijk brood eten aan mijn tafel. Ziba nu had vijftien zonen en twintig knechten.