2 Thessalonians 1:9 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Hun straf is, dat ze voor eeuwig ver van de Heer zullen zijn, ver van zijn heerlijke hemelse macht en majesteit.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Zij zullen als straf het eeuwig verderf ondergaan, weg van het aangezicht van de Heere en van de heerlijkheid van Zijn macht,
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Dezen zullen boeten met een eeuwig verderf, ver van het aangezicht des Heren en van de heerlijkheid zijner sterkte,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
ze zullen gestraft worden met eeuwig verderf, ver weg van den Heer en van de glorie zijner kracht.
Dutch 2007 (HTB)
Hun straf zal de eeuwige veroordeling zijn. Zij zullen voorgoed van de Here en Zijn ontzagwekkende macht gescheiden worden.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Hun straf zal zijn dat ze voor eeuwig verbannen worden uit de tegenwoordigheid van de Heer en de heerlijkheid van zijn macht,
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
want zij zullen in het oordeel gestraft worden met eeuwig verderf, ver weg van het aangezicht van onze Heer en van de heerlijkheid van zijn macht,
Dutch Frisian
dee doa Strof liede woare, eewijet Vedoawe wajch vom Aunjesejcht von däm Harrn en wajch von de Harlijchtjeit siena Krauft,
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Zij zullen bestraft worden met Gods eeuwige straf: ze zullen voor altijd van de aanwezigheid van de Heer en van zijn grote hemelse pracht worden buitengesloten.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hun straf zal de eeuwige veroordeling zijn. Zij zullen voorgoed van de Here en zijn ontzagwekkende macht gescheiden worden.
Dutch Reimer 2001
Dee daen Strof tole woare eewich fonn daem Herr sien Jesecht jetrant to senne, uk fonn dee Harlichkjeit fonn siene Krauft,
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Dewelken zullen tot straf lijden het eeuwig verderf, van het aangezicht des Heeren, en van de heerlijkheid Zijner sterkte,
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Dewelken zullen tot straf lijden het eeuwig verderf, van het aangezicht des Heeren, en van de heerlijkheid Zijner sterkte,