Daniel 11:16 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Hij die hem aanvalt zal doen wat hij wil en niemand zal hem kunnen tegenhouden. Hij zal ook het Sieraad binnentrekken. Hij zal daar dood en vernietiging brengen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Hij die tegen hem optrekt, zal handelen naar eigen goeddunken. Niemand zal tegen hem standhouden. Hij zal ook standhouden in het Sieraadland en er zal vernietiging in zijn hand zijn.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En hij die tegen hem optrekt, zal doen wat hem goeddunkt, en niemand zal voor hem standhouden; hij zal vaste voet krijgen in het Sieraadland en verdelging zal in zijn hand zijn.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Dan zal de aanvaller doen wat hij wil, en niemand zal hem weerstaan. Zo zal hij vaste voet krijgen in het Heerlijke Land, en het geheel in zijn macht hebben.
Dutch 2007 (HTB)
De Syrische koning zal, zonder op tegenstand te stuiten, verder oprukken. Niemand zal hem kunnen tegenhouden. Hij zal ook het prachtige Judea binnenvallen en plunderen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Hij die tegen hem optrekt zal doen wat hij wil en niemand zal tegen hem kunnen standhouden. Ook het Sieraadland zal hij innemen en zijn hand zal daar dood en verderf zaaien.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Hij, die tegen hem optrekt, zal doen wat hij wil en niemand zal tegen hem kunnen standhouden en hij zal zich opstellen in het Sieraadland en verwoesting zal in zijn hand zijn.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
De Syrische koning zal, zonder op tegenstand te stuiten, verder oprukken. Niemand zal hem kunnen tegenhouden. Hij zal ook het prachtige Judea veroveren en plunderen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar hij, die tegen hem komt, zal doen naar zijn welgevallen, en niemand zal voor zijn aangezicht bestaan; hij zal ook staan in het land des sieraads, en de verderving zal in zijn hand wezen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar hij, die tegen hem komt, zal doen naar zijn welgevallen, en niemand zal voor zijn aangezicht bestaan; hij zal ook staan in het land des sieraads, en de verderving zal in zijn hand wezen.