Daniel 6:13 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ze gingen onmiddellijk naar de koning en zeiden tegen hem: "U heeft toch een wet ondertekend dat de komende 30 dagen niemand iets aan een mens of een god mag vragen, maar alleen aan u? En u heeft toch bevolen dat iemand die dat toch doet, in de leeuwenkuil moet worden gegooid?" De koning antwoordde: "Ja, en die wet staat vast. Want elke wet van de Meden en Perzen staat vast en kan niet meer veranderd worden."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Meteen kwamen zij naar voren en zeiden in de tegenwoordigheid van de koning over het verbod van de koning: Hebt u niet een verbod ondertekend dat iedereen die binnen dertig dagen een verzoek zou richten aan welke god of mens ook, behalve aan u, o koning, in de leeuwenkuil zou worden geworpen? De koning antwoordde en zei: Dat woord staat vast volgens de wet van Meden en Perzen, die niet mag worden herroepen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Daarop naderden zij tot de koning en spraken tot hem over het koninklijk verbod: Hebt gij niet een verbod uitgevaardigd, dat ieder mens, die binnen dertig dagen een verzoek richt tot enige god of mens behalve tot u, o koning, in de leeuwenkuil zal worden geworpen? De koning antwoordde: De zaak staat vast naar de wet der Meden en Perzen, die niet kan worden herroepen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Nu zeiden ze tot den koning: Daniël, een van de joodse ballingen, stoort zich niet aan u, o koning, noch aan het verbod door u ondertekend; hij blijft bidden, driemaal per dag.
Dutch 2007 (HTB)
Zij haastten zich naar de koning en herinnerden hem aan zijn verbod. "U hebt toch een verbod uitgevaardigd", zeiden zij, "dat niemand toestaat binnen dertig dagen een verzoek te richten tot een god of mens, behalve tot u? En zouden de overtreders van dat gebod niet in de leeuwenkuil worden gegooid?" "Jazeker", antwoordde de koning, "het is een 'wet van Meden en Perzen' en kan niet worden herroepen."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Onmiddellijk gingen ze naar de koning en herinnerden hem aan het uitgevaardigde besluit: "U hebt toch een besluit op schrift gesteld dat ieder die de komende 30 dagen een verzoek doet aan enig god of mens behalve u, koning, in de leeuwenkuil geworpen zal worden?" De koning antwoordde: "Ja, en die wet staat vast, als een wet van Meden en Perzen, die onherroepbaar is."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen naderden zij en spraken ten overstaan van de koning over het verbod van de koning: “Hebt u niet een verbod ondertekend, dat iedereen die binnen dertig dagen een verzoek tot enige god of mens zou richten, behalve tot u, o koning, in de leeuwenkuil geworpen zou worden?” De koning antwoordde en zei: “De zaak staat vast als een wet van Meden en Perzen, die nooit komt te vervallen.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Zij haastten zich naar de koning en herinnerden hem aan zijn verbod. ‘U hebt toch een verbod uitgevaardigd,’ zeiden zij, ‘dat niemand toestaat binnen dertig dagen een verzoek te richten tot een god of mens, behalve tot u? En zouden de overtreders van dat gebod niet in de leeuwenkuil worden gegooid?’ ‘Jazeker,’ antwoordde de koning, ‘het is een wet van Meden en Perzen en kan dus niet worden herroepen.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen kwamen zij nader, en spraken voor den koning van het gebod des konings: Hebt gij niet een gebod getekend, dat alle man, die in dertig dagen van enigen god of mens iets verzoeken zou, behalve van u, o koning! in den kuil der leeuwen zou geworpen worden? De koning antwoordde en zeide: Het is een vaste rede, naar de wet der Meden en Perzen, die niet mag wederroepen worden.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen kwamen zij nader, en spraken voor den koning van het gebod des konings: Hebt gij niet een gebod getekend, dat alle man, die in dertig dagen van enigen god of mens iets verzoeken zou, behalve van u, o koning! in den kuil der leeuwen zou geworpen worden? De koning antwoordde en zeide: Het is een vaste rede, naar de wet der Meden en Perzen, die niet mag wederroepen worden.