Daniel 9:20 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Zo bad ik tot de Heer en gaf toe dat mijn volk Hem ongehoorzaam was geweest. Ik bad voor de heilige berg van mijn God.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Terwijl ik nog sprak en bad, en belijdenis deed van mijn zonde en van de zonde van mijn volk Israël, en mijn smeekbede uitstortte voor het aangezicht van de HEERE, mijn God, omwille van de heilige berg van mijn God —
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Terwijl ik nog sprak en bad en mijn zonde en de zonde van mijn volk Israël beleed, en mijn smeking over de heilige berg mijns Gods uitstortte voor de HERE, mijn God, –
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zo bleef ik spreken en bidden, mijn eigen zonde belijden en die van Israël mijn volk, en legde ik voor Jahweh, mijn God, mijn smeekgebed neer voor de heilige berg van mijn God.
Dutch 2007 (HTB)
Terwijl ik nog bad en de zonden van mij en mijn volk Israël beleed en God smeekte een keer te brengen in het lot van Jeruzalem,
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Zo bad ik. Ik erkende hardop de zonde van mij en mijn volk Israël en stortte mijn smeekgebed uit voor mijn Heer*** God, omwille van de heilige berg van mijn God.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Terwijl ik nog sprak en bad en mijn zonde en de zonde van mijn volk Israël beleed en mijn smeekgebed voor het aangezicht van de HEERE, mijn GOD, uitstortte ter wille van de heilige berg van mijn GOD,
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Terwijl ik nog bad en de zonden van mij en mijn volk Israël beleed en God smeekte een keer te brengen in het lot van Jeruzalem,
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Als ik nog sprak, en bad, en beleed mijn zonde, en de zonde mijns volks van Israël, en mijn smeking nederwierp voor het aangezicht des HEEREN, mijns Gods, om des heiligen bergs wil mijns Gods;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Als ik nog sprak, en bad, en beleed mijn zonde, en de zonde mijns volks van Israel, en mijn smeking nederwierp voor het aangezicht des HEEREN, mijns Gods, om des heiligen bergs wil mijns Gods;