Deuteronomy 27:12 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
"Als jullie de Jordaan zijn overgestoken, moeten de stammen van Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin op de berg Gerizim gaan staan. Zij zullen het volk zegenen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Wanneer u de Jordaan overgestoken bent, moeten de volgende stammen op de berg Gerizim gaan staan om het volk te zegenen: Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Wanneer gij de Jordaan overgetrokken zijt, zullen zich op de berg Gerizim opstellen om het volk te zegenen: Simeon, Levi, Juda, Issakar, Jozef en Benjamin.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Wanneer ge de Jordaan zijt overgetrokken, moeten Simeon, Levi, Juda, Issakar, Josef en Benjamin op de berg Gerizzim post vatten, om het volk te zegenen;
Dutch 2007 (HTB)
"Als u oversteekt naar het beloofde land, zullen de stammen van Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin op de berg Gerizim staan om vanaf dat punt een zegen uit te spreken.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
"Wanneer jullie de Jordaan zijn overgestoken, moeten de volgende stammen op de berg Gerizim gaan staan om het volk te zegenen: Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
“Deze stammen zullen op de berg Gerizim staan om het volk te zegenen wanneer jullie de Jordaan overgestoken zijn: Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Als u oversteekt naar het beloofde land, zullen de stammen van Simeon, Levi, Juda, Issachar, Jozef en Benjamin op de berg Gerizim staan om vanaf dat punt een zegen uit te spreken.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Dezen zullen staan, om het volk te zegenen op den berg Gerizîm, als gij over de Jordaan gegaan zult zijn: Simeon, en Levi, en Juda, en Issaschar, en Jozef, en Benjamin.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Dezen zullen staan, om het volk te zegenen op den berg Gerizim, als gij over de Jordaan gegaan zult zijn: Simeon, en Levi, en Juda, en Issaschar, en Jozef, en Benjamin.