Deuteronomy 28:53 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Daardoor zal er zó'n honger in de steden ontstaan, dat jullie je eigen baby's zullen opeten die je van je Heer God gekregen hebt.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
U zult de vrucht van uw schoot eten, het vlees van uw zonen en van uw dochters, die de HEERE, uw God, u gegeven zal hebben, tijdens de belegering en in de nood waarin uw vijanden u doen verkeren.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
In de benardheid en benauwdheid, waarmede uw vijand u kwellen zal, zult gij de vrucht van uw eigen schoot eten, het vlees van de zonen en dochters, die de HERE, uw God, u geven zal.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Dan zult ge in de benauwdheid en de beklemming, waarmee de vijand u knelt, de vrucht van uw schoot verslinden, het vlees van uw zonen en dochters eten, die Jahweh u gaf.
Dutch 2007 (HTB)
U zult zelfs het vlees van uw eigen kinderen eten tijdens de vreselijke belegeringen die gaan komen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Met de belegering zal de vijand de wanhoop zo hoog opdrijven, dat jullie de vrucht van je schoot zullen eten: het vlees van je eigen zonen en dochters die jullie Heer*** God aan jullie gegeven heeft.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Tijdens de belegering en in de benauwdheid waarmee je vijanden je zullen benauwen, zul je eten van de vrucht van je schoot, het vlees van je zonen en je dochters die de HEERE, je GOD, je geven zal.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
U zult zelfs het vlees van uw eigen kinderen eten tijdens de vreselijke belegeringen die gaan komen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En gij zult eten de vrucht uws buiks, het vlees uwer zonen en uwer dochteren, die u de HEERE, uw God, gegeven zal hebben; in de belegering en in de benauwing, waarmede uw vijanden u zullen benauwen
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En gij zult eten de vrucht uws buiks, het vlees uwer zonen en uwer dochteren, die u de HEERE, uw God, gegeven zal hebben; in de belegering en in de benauwing, waarmede uw vijanden u zullen benauwen