Deuteronomy 32:36 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Want de Heer zal voor zijn volk opkomen. Hij zal medelijden hebben met zijn dienaren. Als Hij ziet dat ze helemaal verzwakt zijn en dat iedereen wordt gedood,
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Want de HEERE zal Zijn volk recht verschaffen, Hij zal berouw hebben over Zijn dienaren. Want Hij zal zien dat hun kracht is vergaan, en dat het met de gebondene en de vrije gedaan is.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Want de HERE zal recht doen aan zijn volk en Zich ontfermen over zijn knechten; wanneer Hij ziet, dat hun kracht vergaan is, van hoog tot laag allen hun einde gevonden hebben,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Want Jahweh schaft recht aan zijn volk En ontfermt zich over zijn dienaars, Wanneer Hij ziet dat hun kracht is geweken, En er geen slaaf en geen vrije meer is.
Dutch 2007 (HTB)
De HERE zal Zijn volk rechtvaardig behandelen en begrip tonen als de krachten van de mensen zijn uitgeput, als meester en knecht niet meer verder kunnen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Want de Heer*** zal zijn volk recht verschaffen. Hij zal medelijden krijgen met zijn dienaren. Wanneer Hij ziet dat al hun kracht is vergaan en dat van hoog tot laag de mensen bezwijken,
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Want de HEERE zal zijn volk oordelen, Hij zal medelijden hebben met zijn dienaren wanneer Hij ziet dat de kracht op is en er zelfs geen opgeslotene of achtergelatene meer over is.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
De Here zal zijn volk recht doen en begrip tonen als de krachten van de mensen zijn uitgeput, als meester en knecht niet meer verder kunnen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Want de HEERE zal aan Zijn volk recht doen, en het zal Hem over Zijn knechten berouwen; want Hij zal zien, dat de hand is weggegaan, en de beslotene en verlatene niets is.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Want de HEERE zal aan Zijn volk recht doen, en het zal Hem over Zijn knechten berouwen; want Hij zal zien, dat de hand is weggegaan, en de beslotene en verlatene niets is.