Deuteronomy 4:46 — Compare Translations
8 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Hij leerde hun die aan de oostkant van de Jordaan, in het dal bij Bet-Peor, in het land van Sihon. Sihon was de koning van de Amorieten die in Hesbon had gewoond. Mozes en de Israëlieten hadden Sihon verslagen tijdens hun tocht uit Egypte.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
aan deze zijde van de Jordaan, in het dal tegenover Beth-Peor, in het land van Sihon, de koning van de Amorieten, die in Hesbon woonde en die Mozes en de Israëlieten verslagen hadden, toen zij uit Egypte kwamen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
aan de overzijde van de Jordaan, in het dal tegenover Bet-Peor, in het land van Sichon, de koning der Amorieten, die te Chesbon had gewoond, die Mozes en de Israëlieten verslagen hadden op hun tocht uit Egypte,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Het geschiedde in het Overjordaanse, in de vallei tegenover Bet-Peor in het land van Sichon, den koning der Amorieten, die in Chesjbon woonde, nadat Moses en de Israëlieten, na hun uittocht uit Egypte, hem hadden verslagen,
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
aan deze zijde van de Jordaan, in het dal bij Bet-Peor, in het land van Sihon, de koning van de Amorieten die in Hesbon had gewoond en door Mozes en de Israëlieten werd verslagen toen ze uit Egypte kwamen.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Het was in het Overjordaanse, in de vallei tegenover Beth-Peor, in het land van Sihon, de koning van de Amorieten, die in Hesbon woonde, die Mozes met de zonen van Israël versloeg toen zij uit Egypte kwamen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Aan deze zijde van de Jordaan, in het dal tegenover Beth-Peor, in het land van Sihon, den koning der Amorieten, die te Hesbon woonde; welken Mozes sloeg, en de kinderen Israëls, als zij uit Egypte waren uitgetogen,
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Aan deze zijde van de Jordaan, in het dal tegenover Beth-Peor, in het land van Sihon, den koning der Amorieten, die te Hesbon woonde; welken Mozes sloeg, en de kinderen Israels, als zij uit Egypte waren uitgetogen,