Deuteronomy 5:23 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Jullie hoorden dus de stem uit de donkere wolk en zagen het vuur op de berg. Toen kwamen jullie leiders naar mij toe en zeiden:
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En het gebeurde, toen u die stem vanuit het midden van de duisternis hoorde en de berg van vuur brandde, dat u naar voren kwam, naar mij toe, al uw stamhoofden en uw oudsten.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen gij nu de stem hoordet uit het midden van de duisternis, terwijl de berg stond in een brand van vuur, naderdet gij tot mij, al de hoofden uwer stammen en uw oudsten, en gij zeidet:
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Want toen gij de stem uit het donker en van de vlammende berg hadt gehoord, zijt gij met al uw stamhoofden en oudsten op mij toegetreden,
Dutch 2007 (HTB)
Maar toen u de luide stem vanuit de duisternis hoorde en het verschrikkelijke vuur op de top van de berg zag, kwamen al uw stamhoofden naar mij toe
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen jullie die stem vanuit de duisternis hoorden en de berg in brand stond, kwamen de leiders van het volk, de stamhoofden en familiehoofden, namens jullie naar mij toe en zeiden:
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen jullie de stem uit het midden van de duisternis hoorden, terwijl de berg in brand stond van het vuur, naderden jullie tot mij, alle hoofden van jullie stammen en jullie oudsten,
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar toen u de luide stem vanuit de duisternis hoorde en het verschrikkelijke vuur op de top van de berg zag, kwamen al uw stamhoofden naar mij toe
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En het geschiedde, als gij die stem uit het midden der duisternis hoordet, en de berg van vuur brandde, zo naderdet gij tot mij, alle hoofden uwer stammen, en uw oudsten,
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En het geschiedde, als gij die stem uit het midden der duisternis hoordet, en de berg van vuur brandde, zo naderdet gij tot mij, alle hoofden uwer stammen, en uw oudsten,