Deuteronomy 7:22 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Jullie Heer God zal deze volken één voor één voor jullie wegjagen. Jullie mogen hen niet in korte tijd vernietigen, maar beetje bij beetje. Want anders zouden er te veel wilde dieren in het land komen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
De HEERE, uw God, zal deze volken van voor uw ogen verdrijven, maar geleidelijk: u zult hen niet onmiddellijk kunnen vernietigen, anders zouden de dieren van het veld te talrijk worden voor u.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
De HERE, uw God, zal deze volken langzamerhand voor u uit verdrijven; gij zult hen niet in korte tijd mogen vernietigen, opdat het wild gedierte u niet te talrijk worde.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zeker, Jahweh, uw God, zal die volken slechts langzaam aan voor u verjagen, en gij zult ze niet ineens kunnen verdelgen; anders krijgen de wilde dieren de overhand op u.
Dutch 2007 (HTB)
Hij zal hen langzamerhand verdrijven; niet in één keer, want anders zouden de wilde dieren snel vermeerderen en gevaarlijk worden.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Jullie Heer*** God zal deze volken geleidelijk aan voor jullie verdrijven. Jullie mogen hen niet ineens vernietigen, want dan zouden er te veel wilde dieren in het land komen.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De HEERE, je GOD, zal deze volken geleidelijk voor je uit verdrijven. Je mag hen niet haastig ombrengen, anders zouden de wilde dieren in het veld je teveel worden.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hij zal hen langzamerhand verdrijven, niet in één keer, want anders zouden de wilde dieren snel vermeerderen en gevaarlijk worden.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En de HEERE, uw God, zal deze volken voor uw aangezicht allengskens uitwerpen; haastelijk zult gij hen niet mogen te niet doen, opdat het wild des velds niet tegen u vermenigvuldige.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En de HEERE, uw God, zal deze volken voor uw aangezicht allengskens uitwerpen; haastelijk zult gij hen niet mogen te niet doen, opdat het wild des velds niet tegen u vermenigvuldige.