Exodus 20:17 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Wees niet jaloers op wat iemand anders heeft. Je moet niet willen hebben wat al van een ander is: zijn huis, of zijn vrouw, of zijn knecht, of zijn slavin, of zijn koe, of zijn ezel, of iets anders wat van iemand anders is."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
U zult niet begeren het huis van uw naaste. U zult niet begeren de vrouw van uw naaste, noch zijn dienaar, noch zijn dienares, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets wat van uw naaste is.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Gij zult het huis van uw naaste niet begeren. Gij zult de vrouw van uw naaste niet begeren, noch zijn slaaf of slavin, zijn rund of zijn ezel, noch iets van wat uw naaste behoort.
Dutch 2007 (HTB)
U mag niet jaloers zijn op het huis van uw naaste en ook niet op zijn vrouw, zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund en zijn ezel of iets anders dat het eigendom is van uw naaste."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Jullie mogen niet afgunstig verlangen naar iets wat van je naaste is: zijn huis, zijn vrouw, zijn slaaf of slavin, zijn os of ezel, of iets anders wat van je naaste is."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Je zult het huis van je naaste niet begeren. De vrouw van je naaste, zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund, zijn ezel of wat ook maar van je naaste is, zul niet begeren.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
U mag het huis van uw naaste niet begeren en ook zijn vrouw niet, zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund en zijn ezel of iets anders dat het eigendom is van uw naaste.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets, dat uws naasten is.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets, dat uws naasten is.