Exodus 22:27 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Want het is het enige wat hij heeft om zich in warm te houden. Waarin moet hij anders gaan slapen? Als hij Mij om hulp roept, zal Ik naar hem luisteren, want Ik ben goed en vriendelijk.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Dat is immers zijn enige bedekking. Het is de kleding over zijn huid. Waarin zou hij anders moeten slapen? Wanneer hij tot Mij om hulp roept, zal het gebeuren dat Ik het zal horen, want Ik ben genadig!
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
want dat is zijn enige bedekking, dat is de bekleding voor zijn huid – waarin zal hij zich te ruste leggen? Wanneer hij tot Mij om hulp zal roepen, zal Ik horen, want Ik ben genadig.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
want het is zijn enig kleed, de bedekking voor zijn blote lijf, waarin hij moet slapen. Als hij tot Mij roept, zal Ik hem verhoren; want Ik ben barmhartig.
Dutch 2007 (HTB)
waarin zou hij anders moeten slapen? Als u dat niet doet en hij roept mijn hulp in, zal Ik hem helpen, want Ik ben erg genadig.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
want het is het enige wat hij heeft om zich mee te bedekken, het is de bescherming van zijn naakte lijf. Waarin moet hij anders gaan slapen? Als hij tot Mij roept, zal Ik hem verhoren, want Ik ben genadig.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Je zult GOD niet lasteren en de leider van je volk niet vervloeken.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
waarin zou hij anders moeten slapen? Als u dat niet doet en hij roept mijn hulp in, zal Ik hem helpen, want Ik ben erg genadig.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Want dat alleen is zijn deksel, het is zijn kleed over zijn huid; waarin zou hij liggen? Het zal dan geschieden, wanneer hij tot Mij roept, dat Ik het zal horen; want Ik ben genadig!
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Want dat alleen is zijn deksel, het is zijn kleed over zijn huid; waarin zou hij liggen? Het zal dan geschieden, wanneer hij tot Mij roept, dat Ik het zal horen; want Ik ben genadig!