Ezekiel 11:1 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen tilde de Geest mij op. Hij bracht mij naar de Oostpoort van de tempel. Bij de ingang van de poort zag ik 25 mannen. Ook Jaäzanja de zoon van Azzur, en Pelatja de zoon van Benaja waren daar. Het waren de leiders van het volk.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen hief de Geest mij op en bracht mij bij de Oostpoort van het huis van de HEERE, die naar het oosten gekeerd is. En zie, bij de ingang van de poort waren vijfentwintig mannen, en in hun midden zag ik Jaäzanja, de zoon van Azzur, met Pelatja, de zoon van Benaja, leiders van het volk.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen hief de Geest mij op en bracht mij naar de Oostpoort van het huis des HEREN, die op het oosten uitziet. En zie, bij de ingang van de poort waren vijfentwintig mannen; onder hen zag ik Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelatja, de zoon van Benaja, de vorsten van het volk.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Daarna nam een geest mij op, om me te brengen naar de oostelijke poort van Jahweh’s huis, die op het oosten ligt; en toen ik aan de ingang van de poort vijf en twintig mannen zag staan, waaronder zich de volksleiders Jaäzanja, de zoon van Azzoer, en Pelatjáhoe de zoon van Benajáhoe bevonden, sprak Hij tot mij:
Dutch 2007 (HTB)
Toen tilde de Geest mij op en bracht mij naar de oostelijke tempelpoort. Daar zag ik 25 van de meest vooraanstaande mannen uit de stad. Onder hen waren ook de volksleiders Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelatja, de zoon van Benaja.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen tilde de Geest mij op en bracht mij naar de Oostpoort van het huis van de Heer***, die aan de oostzijde is. Daar, bij de ingang van de poort, zag ik 25 mannen, onder wie Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelatja, de zoon van Benaja, leiders van het volk.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen hief de Geest mij weer op en bracht mij naar de Oostpoort van het Huis van de HEERE, die aan de oostzijde ligt, en zie, bij de ingang van de poort stonden vijfentwintig man nen en in hun midden zag ik Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelat-Jah, de zoon van Benaja, de vorsten van het volk.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Toen tilde de Geest mij op en bracht mij naar de oostelijke tempelpoort. Daar zag ik vijfentwintig van de meest vooraanstaande mannen uit de stad. Onder hen waren ook de volksleiders Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelatja, de zoon van Benaja.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen hief mij de Geest op, en bracht mij tot de Oostpoort van het huis des HEEREN, dewelke ziet oostwaarts; en ziet, aan de deur der poort waren vijf en twintig mannen, en in het midden van hen zag ik Jaäzánja, den zoon van Azzur, en Pelátja, den zoon van Benája, vorsten des volks.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen hief mij de Geest op, en bracht mij tot de Oostpoort van het huis des HEEREN, dewelke ziet oostwaarts; en ziet, aan de deur der poort waren vijf en twintig mannen, en in het midden van hen zag ik Jaazanja, den zoon van Azzur, en Pelatja, den zoon van Benaja, vorsten des volks.