Ezekiel 16:19 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
En het eten dat Ik je gaf, het meel, de olijf-olie en de honing, heb jij aan hen geofferd.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En Mijn brood, dat Ik u had gegeven, en de meelbloem, olie en honing, die Ik u te eten had gegeven, hebt u hun aangeboden als een aangename geur. Zo gebeurde dat, spreekt de Heere HEERE.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
De spijze die Ik u gegeven had – fijn meel, olie en honig gaf Ik u te eten – hebt gij hun tot een liefelijke reuk voorgezet. Zelfs is het zover gekomen, luidt het woord van de Here HERE,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Het voedsel dat Ik u gegeven had, het fijnste meel, olie en honing, die Ik u tot spijs had geschonken, hebt ge hun aangeboden tot een liefelijke offergeur: zo was het, spreekt Jahweh, de Heer.
Dutch 2007 (HTB)
Voor hen (denk het u eens in) zette u het fijne meel, de olie en de honing neer, die Ik u gaf. U gebruikte het als een heerlijk offer aan hen!
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
En het brood dat Ik je gaf, het meel, de olie en de honing waarmee Ik je voedde, heb je ervoor verbrand als aangename geur. Dit is wat er gebeurde, zegt de Heer Heer***.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Mijn brood, dat Ik je gaf, het fijne meel, de olie en de honing waarmee Ik je voedde, dat heb je als een lieflijke reuk voor hen neergezet, zo is het gebeurd!’, spreekt mijn Heer, de HEERE.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Voor hen—denk het u eens in—zette u het fijne meel, de olie en de honing neer die Ik u gaf. U gebruikte het als een heerlijk offer aan hen!
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Mijn brood, hetwelk Ik u gaf, meelbloem en olie, en honig, waarmede Ik u spijsde, dat hebt gij ook voor hun aangezichten gesteld tot een liefelijken reuk; zo is het geschied, spreekt de Heere HEERE.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Mijn brood, hetwelk Ik u gaf, meelbloem en olie, en honig, waarmede Ik u spijsde, dat hebt gij ook voor hun aangezichten gesteld tot een liefelijken reuk; zo is het geschied, spreekt de Heere HEERE.