Ezekiel 19:12 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Maar iemand rukte in zijn woede de struik uit en smeet hem weg. In de hete oostenwind verdroogden de druiven. Ook de sterke tak verdroogde en werd verbrand.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Maar hij werd met grimmigheid uitgerukt, tegen de aarde geworpen, en de oostenwind heeft zijn vrucht verdroogd. Weggerukt en verdroogd zijn zijn sterke takken, vuur heeft hem verteerd.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Maar in toorn werd (die wijnstok) uitgerukt, neergeworpen ter aarde. De wind uit het oosten verdroogde zijn vruchten; ze vielen af en droogden uit. Zijn sterke tak – een vuur verteerde hem!
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Maar in woede werd zij uitgerukt, Op de grond geworpen. Een oostenwind verdroogde haar: Haar vrucht viel af. Haar krachtige tak verdorde: Het vuur verslond hem.
Dutch 2007 (HTB)
Maar in toorn werd de wijnstok uit de grond gerukt en neergeworpen. Haar ranken waren geknakt en verdorden door een harde oostenwind; haar vruchten werden verbrand.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Maar in woede werd de wijnstok uitgetrokken en weggegooid. De hete oostenwind verzengde zijn vruchten, zijn sterke takken werden afgebroken. Ze verdorden en werden verbrand.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Maar door een vlaag van woede werd hij uitgerukt en ter aarde geworpen. De oostenwind verdroogde zijn vrucht, zijn sterke takken braken af en verdroogden, het vuur verteerde ze.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Maar in toorn werd de wijnstok uit de grond gerukt en neergeworpen. Haar ranken waren geknakt en verdorden door een harde oostenwind, haar vruchten werden verbrand.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Maar hij werd door grimmigheid uitgerukt, en ter aarde geworpen, en de oostenwind heeft zijn vrucht verdroogd; zijn sterke roeden zijn afgebroken en zijn verdroogd; het vuur heeft ze verteerd.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Maar hij werd door grimmigheid uitgerukt, en ter aarde geworpen, en de oostenwind heeft zijn vrucht verdroogd; zijn sterke roeden zijn afgebroken en zijn verdroogd; het vuur heeft ze verteerd.