Ezekiel 33:2 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
"Mensenzoon, zeg tegen de mensen van je volk: Als er een oorlog dreigt, zetten de mensen een wachtpost neer.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Mensenkind, spreek tot uw volksgenoten, en zeg tegen hen: Wanneer Ik een zwaard over een land breng, en de bevolking van dat land neemt een man ergens uit hun omgeving en stelt die voor zichzelf tot wachter aan,
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Mensenkind, spreek tot uw volksgenoten en zeg tot hen: wanneer Ik over een land het zwaard breng, en de inwoners van dat land hebben uit hun midden iemand gekozen en tot wachter aangesteld,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Mensenkind, ge moet uw volksgenoten toespreken, en tot hen zeggen: Gesteld, Ik laat het zwaard los op een land, en de burgers kiezen iemand uit hun midden en stellen hem aan als hun wachter.
Dutch 2007 (HTB)
"Mensenzoon, vertel uw volksgenoten: Als Ik een leger ten strijde laat trekken tegen een land, moeten de inwoners van dat land een wachter aanstellen.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
"Mensenzoon, zeg tegen je volksgenoten: Als Ik een land tref met het zwaard, en de bevolking iemand uit hun midden als wachtpost aanstelt,
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
“Mensenkind, spreek tot de zonen van je volk en zeg tegen hen: Wanneer Ik het zwaard over een land breng en het volk van dat land neemt een man uit zijn gelederen en stelt die voor zich tot wachter aan,
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Mensenzoon, vertel uw volksgenoten: “Als Ik een leger ten strijde laat trekken tegen een land, moeten de inwoners van dat land een wachter aanstellen.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Mensenkind! spreek tot de kinderen uws volks, en zeg tot hen: Wanneer Ik het zwaard over enig land breng, en het volk des lands een man uit hun einden nemen, en dien voor zich tot een wachter stellen;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Mensenkind! spreek tot de kinderen uws volks, en zeg tot hen: Wanneer Ik het zwaard over enig land breng, en het volk des lands een man uit hun einden nemen, en dien voor zich tot een wachter stellen;