Genesis 11:3 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ze zeiden tegen elkaar: "Laten we van klei bouwstenen bakken." Ze bouwden ermee en metselden ze met asfalt op elkaar.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En zij zeiden allen tegen elkaar: Kom, laten wij kleiblokken maken en die goed bakken! En de kleiblokken dienden hun tot steen en het asfalt diende hun tot leem.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En zij zeiden tot elkander: Welaan, laten wij tichelen maken en die goed bakken. En de tichel diende hun tot steen en het asfalt diende hun tot leem.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Nu zeiden ze tot elkander: Komt, laten we stenen maken, en ze hard bakken in vuur. Die tichels moesten hun tot bouwsteen dienen, de asfalt tot mortel.
Dutch 2007 (HTB)
De bewoners van die vlakte waren van plan een grote stad te bouwen. In die stad moest een grote tempeltoren komen te staan, die tot in de hemel reikte. Een eeuwig monument voor de bouwers. "Op die manier krijgen we een centrale plaats voor onze mensen, zodat we niet steeds verder hoeven te zwerven", meenden zij. En zo begon de bouw van de stad. Er werden grote hoeveelheden stenen gebakken en als cement gebruikten zij asfalt.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
En ze zeiden tegen elkaar: "Laten we van klei stenen vormen en die goed bakken in het vuur." Deze stenen gebruikten ze als bouwstenen; als specie gebruikten ze pek.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Zij zeiden tegen elkaar: “Kom, laten we grote kleiblokken maken en die heel goed bakken!” Zo werden de kleiblokken voor hen tot stenen en teer diende hen als leem.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
De bewoners van die vlakte waren van plan een grote stad te bouwen en een hoge toren die tot in de hemel reikte. Een eeuwig monument voor de bouwers.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En zij zeiden een ieder tot zijn naaste: Kom aan, laat ons tichelen strijken, en wel doorbranden! En de tichel was hun voor steen, en het lijm was hun voor leem.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En zij zeiden een ieder tot zijn naaste: Kom aan, laat ons tichelen strijken, en wel doorbranden! En de tichel was hun voor steen, en het lijm was hun voor leem.