Genesis 12:5 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Hij vertrok met zijn vrouw Saraï en Lot, de zoon van zijn broer, en met alles wat zij bezaten, al hun vee, en alle slaven die ze in Haran gekocht hadden. Ze trokken naar het land Kanaän.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Abram nu nam Sarai, zijn vrouw, en Lot, de zoon van zijn broer, en al hun bezittingen die ze verworven hadden, en de mensen die zij in Haran verkregen hadden; en zij gingen weg om naar het land Kanaän te gaan; en zij kwamen in het land Kanaän.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Abram nu nam zijn vrouw Sarai en Lot, zijns broeders zoon, en al hun have, die zij verworven hadden, en de lieden, die zij in Haran verkregen hadden, en zij trokken uit om te gaan naar het land Kanaän, en zij kwamen in het land Kanaän.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Abram nam Sarai, zijn vrouw, en zijn neef Lot met zich mee, met heel hun bezit, en al de slaven, die zij in Charan hadden verworven; ze gingen op weg naar het land Kanaän, en kwamen daar aan.
Dutch 2007 (HTB)
Hij nam zijn vrouw Saraï, zijn neef Lot en al zijn bezittingen (vee en slaven, die hij in Haran had verzameld) mee. Zo kwamen zij in Kanaän aan.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Abram vertrok met zijn vrouw Saraï en Lot, de zoon van zijn broer, met al hun bezittingen die ze hadden verworven en alle mensen die zij in Haran hadden verkregen, en trok naar Kanaän. In Kanaän aangekomen
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Abram nam Sarai, zijn vrouw, en Lot, de zoon van zijn broer, mee en ook al hun bezittingen die zij verkregen hadden en iedere levende ziel, die zij zich in Haran verworven hadden. Zij trokken uit Haran weg om naar het land Kanaän te gaan en zij kwamen in het land Kanaän aan.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Hij nam zijn vrouw Sarai, zijn neef Lot en al zijn bezittingen mee: vee en slaven die hij in Haran had verzameld. Zo kwamen zij in Kanaän aan.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Abram nam Sarai, zijn huisvrouw, en Lot, zijns broeders zoon, en al hun have, die zij verworven hadden, en de zielen, die zij verkregen hadden in Haran; en zij togen uit, om te gaan naar het land Kanaän, en zij kwamen in het land Kanaän.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Abram nam Sarai, zijn huisvrouw, en Lot, zijns broeders zoon, en al hun have, die zij verworven hadden, en de zielen, die zij verkregen hadden in Haran; en zij togen uit, om te gaan naar het land Kanaan, en zij kwamen in het land Kanaan.