Genesis 22:12 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
En Hij zei: "Raak de jongen niet aan! Doe hem niets! Nu weet Ik, dat je werkelijk diep ontzag voor Mij hebt. Je hebt zelfs je enige zoon aan Mij willen geven!"
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen zei Hij: Steek uw hand niet uit naar de jongen en doe hem niets, want nu weet Ik dat u godvrezend bent en uw zoon, uw enige, Mij niet onthouden hebt.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En Hij zeide: Strek uw hand niet uit naar de jongen en doe hem niets, want nu weet Ik, dat gij godvrezend zijt, en uw zoon, uw enige, Mij niet hebt onthouden.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Hij sprak: Sla uw hand niet aan den knaap, en doe hem geen kwaad. Want nu weet Ik, dat gij God vreest; want ge hebt Mij uw enigen zoon niet willen onthouden.
Dutch 2007 (HTB)
"Leg het mes maar weg en laat de jongen ongemoeid", zei de Engel. "Ik weet nu dat God de belangrijkste is in uw leven. Zelfs uw eigen zoon, uw enige, van wie u zoveel houdt, wilde u Mij geven."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen zei Hij: "Raak de jongen niet aan en doe hem niets, want nu weet Ik dat je ontzag voor God hebt. Je hebt Mij zelfs je enige zoon willen geven."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen zei Hij: “Strek je hand niet tegen de jongen uit en doe hem niets aan, want nu weet Ik, dat jij GOD vreest en je zoon, je enige, Mij niet hebt onthouden.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
‘Leg het mes weg en laat de jongen ongemoeid,’ zei de Engel. ‘Ik weet nu dat God de belangrijkste is in uw leven. Zelfs uw eigen zoon, uw enige, van wie u zoveel houdt, wilde u Mij geven.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Toen zeide Hij: Strek uw hand niet uit aan den jongen, en doe hem niets! want nu weet Ik, dat gij God vrezende zijt, en uw zoon, uw enige, van Mij niet hebt onthouden.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Toen zeide Hij: Strek uw hand niet uit aan den jongen, en doe hem niets! want nu weet Ik, dat gij God vrezende zijt, en uw zoon, uw enige, van Mij niet hebt onthouden.