Genesis 31:3 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen zei de Heer tegen Jakob: "Ga terug naar je geboorteland en naar je familie. Ik zal met je zijn."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen zei de HEERE tegen Jakob: Keer terug naar het land van uw vaderen en naar uw familiekring. Ik zal met u zijn.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zeide de HERE tot Jakob: Keer terug naar het land uwer vaderen en naar uw maagschap, en Ik zal met u zijn.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Daarenboven sprak Jahweh tot Jakob: Keer terug naar het land uwer vaderen en naar uw familie; Ik zal u bijstaan.
Dutch 2007 (HTB)
Toen sprak de HERE met Jakob en zei: "Ga terug naar uw vaderland en uw familie. Ik zal bij u zijn."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
De Heer*** zei tegen Jakob: "Ga terug naar het land van je voorouders, naar je familie daar. Ik zal met je zijn."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De HEERE zei tegen Jakob: “Keer terug naar het land van je vaderen en naar je familie. Ik zal met je zijn.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Toen sprak de Here met Jakob en zei: ‘Ga terug naar uw vaderland en uw familie. Ik zal bij u zijn.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En de HEERE zeide tot Jakob: Keer weder tot het land uwer vaderen, en tot uw maagschap, en Ik zal met u zijn.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En de HEERE zeide tot Jakob: Keer weder tot het land uwer vaderen, en tot uw maagschap, en Ik zal met u zijn.