Genesis 32:26 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen zei Hij: "Laat Me gaan, want het wordt dag." Maar Jakob zei: "Ik laat U pas los als U mij zegent."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
En Hij zei: Laat Mij gaan, want de dageraad is aangebroken. Maar hij zei: Ik zal U niet laten gaan, tenzij U mij zegent.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen zeide hij: Laat mij gaan, want de dageraad is gekomen. Maar hij zeide: Ik laat u niet gaan, tenzij gij mij zegent.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Nu sprak de man: Laat mij gaan, want het morgenrood rijst. Maar hij antwoordde: Ik laat u niet gaan, tenzij ge mij zegent.
Dutch 2007 (HTB)
Toen zei de Man: "Laat Mij los, want het wordt dag." Maar Jakob hijgde: "Ik laat U niet los, voordat U mij hebt gezegend."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
En Hij zei: "Laat Mij gaan, want het wordt al dag." Maar Jakob zei: "Ik laat U alleen gaan als U mij zegent."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen Deze merkte, dat Hij hem niet aankon, raakte hij zijn heupgewricht aan, zodat Jakobs heupgewricht ontzet raakte, terwijl Hij met hem worstelde.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Toen zei de Ander: ‘Laat Mij los, want het wordt dag.’ Maar Jakob hijgde: ‘Ik laat U niet los, voordat U mij hebt gezegend.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Hij zeide: Laat Mij gaan, want de dageraad is opgegaan. Maar hij zeide: Ik zal U niet laten gaan, tenzij dat Gij mij zegent.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Hij zeide: Laat Mij gaan, want de dageraad is opgegaan. Maar hij zeide: Ik zal U niet laten gaan, tenzij dat Gij mij zegent.