Genesis 42:7 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Zodra Jozef zijn broers zag, herkende hij hen. Maar hij deed alsof hij hen niet kende en zei kortaf tegen hen: "Waar komen jullie vandaan?" Ze antwoordden: "Uit Kanaän. We komen eten kopen."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Toen Jozef zijn broers zag, herkende hij hen, maar hij deed zich tegenover hen voor als een vreemde en sprak harde woorden tot hen. Hij zei tegen hen: Waar komt u vandaan? Zij zeiden: Uit het land Kanaän, om voedsel te kopen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Zodra Jozef zijn broeders zag, herkende hij hen, maar hij deed alsof hij een vreemde voor hen was; hij sprak hen bits aan, en zeide tot hen: Vanwaar komt gij? Zij zeiden: Uit het land Kanaän, om voedsel te kopen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Zodra Josef zijn broers zag, herkende hij hen, maar hij maakte zich zelf aan hen niet bekend. Bars sprak hij hen toe: Waar komt ge vandaan? Zij antwoordden: Uit het land Kanaän, om koren te kopen.
Dutch 2007 (HTB)
Jozef herkende hen direct, maar deed net alsof zij vreemdelingen waren. "Waar komt u vandaan?" vroeg hij bits. "Uit het land Kanaän", antwoordden zij. "Wij zijn gekomen om graan te kopen."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen Jozef zijn broers zag, herkende hij hen. Hij deed echter alsof ze vreemden waren en zei kortaf tegen hen: "Waar komen jullie vandaan?" Ze antwoordden: "Uit Kanaän, om eten te kopen."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen Jozef zijn broers zag, herkende hij hen, maar hij deed alsof hij hen niet kende en sprak hen streng toe en zei tegen hen: “Waar komen jullie vandaan?” Zij zeiden: “Uit het land Kanaän om voedsel te kopen.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Jozef herkende hen direct, maar deed net alsof zij vreemdelingen waren. ‘Waar komt u vandaan?’ vroeg hij. ‘Uit het land Kanaän,’ antwoordden zij. ‘Wij zijn gekomen om graan te kopen.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Als Jozef zijn broederen zag, zo kende hij hen; maar hij hield zich vreemd jegens hen, en sprak hard met hen, en zeide tot hen: Van waar komt gij? En zij zeiden: Uit het land Kanaän; om spijze te kopen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Als Jozef zijn broederen zag, zo kende hij hen; maar hij hield zich vreemd jegens hen, en sprak hard met hen, en zeide tot hen: Van waar komt gij? En zij zeiden: Uit het land Kanaan; om spijze te kopen.