Genesis 43:29 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Toen zag Jozef zijn broer Benjamin, de zoon van zijn moeder. Hij zei: "Is dit jullie jongste broer over wie jullie het hadden?" En hij zei tegen Benjamin: "Ik wens je Gods zegen toe, mijn zoon."
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Hij sloeg zijn ogen op en zag Benjamin, zijn broer, de zoon van zijn moeder, en zei: Is dit uw jongste broer, over wie u met mij gesproken hebt? Daarna zei hij: Mijn zoon, God zij u genadig.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Toen hij zijn ogen opsloeg, zag hij zijn broeder Benjamin, de zoon zijner moeder, en zeide: Is dit uw jongste broeder, over wie gij tot mij gesproken hebt? En hij zeide: God zij u genadig, mijn zoon.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Toen hij rondkeek, en zijn broer Benjamin zag, den zoon van zijn moeder, zei hij: Is dat uw jongste broer, van wien ge mij hebt gesproken? En hij voegde er aan toe: God zij u genadig, mijn zoon.
Dutch 2007 (HTB)
Met een knik naar Benjamin vroeg Jozef: "Is dit uw jongste broer over wie u mij vertelde? Hoe is het met je, mijn zoon? God zij je genadig."
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Toen Jozef zijn broer Benjamin zag, de zoon van zijn moeder, vroeg hij: "Is dit de jongste broer over wie jullie mij vertelden?" En hij zei tegen Benjamin: "Dat God je genadig mag zijn, mijn zoon."
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Toen hij zijn ogen opsloeg en Benjamin, zijn broer, de zoon van zijn moeder, zag, zei hij: “Is dit jullie jongste broer, over wie jullie mij spraken?” Daarna zei hij: “Mag GOD je genadig zijn, mijn zoon!”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Met een knik naar Benjamin vroeg Jozef: ‘Is dit uw jongste broer over wie u mij vertelde? Hoe is het met je, mijn zoon? God zij je genadig.’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En hij hief zijn ogen op, en zag Benjamin, zijn broeder, den zoon zijner moeder, en zeide: Is dit uw kleinste broeder, waarvan gij tot mij zeidet? Daarna zeide hij: Mijn zoon! God zij u genadig!
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En hij hief zijn ogen op, en zag Benjamin, zijn broeder, den zoon zijner moeder, en zeide: Is dit uw kleinste broeder, waarvan gij tot mij zeidet? Daarna zeide hij: Mijn zoon! God zij u genadig!