Genesis 46:32 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Die mannen zijn schaapherders, want ze zijn veehouders. Ze hebben hun schapen, geiten, koeien en alles wat ze hebben, meegebracht.'
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
De mannen zijn herders van kleinvee, want zij zijn altijd veehouders geweest. Zij hebben hun kleinvee en hun runderen, en alles wat zij hebben, meegebracht.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
die mannen zijn schaapherders, want zij zijn veehouders en hebben hun kleinvee, hun runderen en alles wat zij bezitten, meegebracht.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
De mannen willen hun kudde weiden; want het zijn veebezitters, en ze hebben hun schapen en runderen met heel hun bezit met zich meegebracht."
Dutch 2007 (HTB)
En ik zal hem zeggen: 'Deze mannen zijn schaapherders. Zij hebben hun kudden en al hun andere bezittingen meegenomen.'
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Die mannen zijn schaapherders en veehouders. Ze hebben hun schapen, geiten en runderen en al hun bezittingen meegebracht.'
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De mannen zijn schaapherders en zij houden zich met vee bezig. Zij hebben hun schapen en geiten en hun rundvee en alles wat zij bezitten meegebracht.’
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
En ik zal hem zeggen: “Deze mannen zijn schaapherders. Zij hebben hun kudden en al hun andere bezittingen meegenomen.”
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En die mannen zijn schaapherders; want het zijn mannen, die met vee omgaan; en zij hebben hun schapen, en hun runderen, en al wat zij hebben, medegebracht.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En die mannen zijn schaapherders; want het zijn mannen, die met vee omgaan; en zij hebben hun schapen, en hun runderen, en al wat zij hebben, medegebracht.