Hebrews 5:2 — Compare Translations
13 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Die hogepriester heeft begrip voor de mensen die verkeerd tegen God hebben gedaan. Want hij is zelf ook een mens. Hij is zelf ook soms ongehoorzaam aan God.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Hij kan voluit medelijden hebben met de onwetenden en dwalenden, omdat hij ook zelf met zwakheid omvangen is.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Hij kan tegemoetkomend zijn jegens de onwetenden en dwalenden, daar hij ook zelf met zwakheid omvangen is,
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Hij moet in staat wezen, toegeeflijk te zijn voor onwetenden en dwalenden, omdat hij zelf met zwakheid omkleed is,
Dutch 2007 (HTB)
Omdat hij zelf een mens is, kan hij andere mensen vriendelijk tegemoet treden, ook al zijn zij afgeweken en onwetend.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Hij kan begrip hebben voor degenen die uit onwetendheid dwalen, aangezien hij zelf ook zwakten heeft.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Hij kan zichzelf nederig opstellen en meevoelen met onwetenden en dwalenden, omdat hij zelf ook in zwakheid is gehuld.
Dutch Frisian
dee Metjefeel habe veständnissvoll metfeele kaun met de Onnweetende en Errende, doa uck hee selfst met Schwackheit ommjäwt es aun sich drajcht;
Dutch GBVNT (Gods Boek - het Nieuwe Testament)
Omdat de hogepriester zelf ook maar een zwak mens is, kan hij begrip opbrengen voor wie uit onwetendheid iets verkeerds heeft gedaan.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Omdat hij ook zelf in de menselijke zwakheid deelt, kan hij mensen die onwetend en dwalende zijn, vriendelijk tegemoet treden.
Dutch Reimer 2001
dee metfeele kaun to en Jewesset met daen dee nich baete weete, en dee feleit woare, wiel hee selfst uk met Schwakjheite besat es.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Die behoorlijk medelijden kan hebben met de onwetenden en dwalenden, overmits hij ook zelf met zwakheid omvangen is;
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Die behoorlijk medelijden kan hebben met de onwetenden en dwalenden, overmits hij ook zelf met zwakheid omvangen is;