Isaiah 44:19 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Niemand denkt na. Niemand vraagt zich af: 'Als ik van de ene helft van het hout vuur maak waarop ik brood bak en vlees braad, hoe kan ik dan van de rest van het hout een god maken? Hoe kom ik erbij om neer te knielen voor een blok hout?'
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Niemand neemt het ter harte, er is geen kennis en geen inzicht om te zeggen: De helft ervan heb ik verbrand in het vuur, ook heb ik brood gebakken op de houtskool ervan, ik heb vlees gebraden en gegeten — en zou ik van het overgebleven hout iets gruwelijks maken, zou ik knielen voor een stuk hout?
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Niemand neemt dit ter harte, niemand heeft kennis of inzicht, zodat hij zegt: De helft daarvan verbrandde ik in het vuur, ook bakte ik op zijn kolen brood, ik braadde vlees en ik at; zou ik dan van zijn overschot een gruwel maken, zou ik neerknielen voor een blok hout?
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Men denkt er niet verder op na, En ziet het niet eens; Men heeft geen oordeel genoeg om te zeggen: Ik heb de helft in vuur verbrand, Brood op de houtskool gebakken, Vlees geroosterd en opgegeten. Van het overschot maak ik een gruwel, Voor een blok hout kniel ik neer,
Dutch 2007 (HTB)
Het komt niet bij de man op om na te denken en zich af te vragen: "Het is eigenlijk maar een stuk hout. Ik heb het verbrand om warmte te krijgen en maakte er mijn brood en vlees op klaar. Hoe kan de rest dan een god zijn? Moet ik op mijn knieën vallen voor een blok hout?"
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Niemand denkt erover na. Niemand heeft het inzicht of het verstand om zich af te vragen: 'De ene helft verbrand ik in het vuur, op de houtskool bak ik brood, ik braad er vlees op voor de maaltijd. Hoe kan ik dan van de rest een afgod maken, waarom zou ik neerknielen voor een blok hout?'
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Niemand neemt het ter harte en er is geen kennis en geen inzicht om te zeggen: ‘De helft daarvan heb ik in het vuur verbrand. Op de gloeiende kolen daarvan heb ik brood gebakken, vlees heb ik gebraden en ik heb het gegeten. Zou ik van wat er nog aan hout over is een gruwelijke afgod maken, zou ik neerknielen voor wat afkomstig is van een boom?’
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Het komt niet bij de man op om na te denken en zich af te vragen: ‘Het is eigenlijk maar een stuk hout. Ik heb het verbrand om warmte te krijgen en maakte er mijn brood en vlees op klaar. Hoe kan de rest dan een god zijn? Moet ik op mijn knieën vallen voor een blok hout?’
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En niemand van hen brengt het in zijn hart, en er is noch kennis noch verstand, dat hij zeggen zou: De helft daarvan heb ik verbrand in het vuur, ja, ook op de kolen daarvan heb ik brood gebakken, ik heb vlees daarbij gebraden, en heb het gegeten; en zou ik het overblijfsel daarvan tot een gruwel maken, zou ik nederknielen voor hetgeen van een boom gekomen is?
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En niemand van hen brengt het in zijn hart, en er is noch kennis noch verstand, dat hij zeggen zou: De helft daarvan heb ik verbrand in het vuur, ja, ook op de kolen daarvan heb ik brood gebakken, ik heb vlees daarbij gebraden, en heb het gegeten; en zou ik het overblijfsel daarvan tot een gruwel maken, zou ik nederknielen voor hetgeen van een boom gekomen is?