Isaiah 51:2 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ik bedoel jullie voorouders Abraham en Sara, uit wie jullie zijn ontstaan. Ik riep Abraham toen hij nog geen kinderen had. Ik was goed voor hem en maakte hem tot een groot volk.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Aanschouw Abraham, uw vader, en Sara, die u gebaard heeft. Want toen hij nog alleen was, riep Ik hem, Ik zegende hem en maakte hem talrijk.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
aanschouwt Abraham, uw vader, en Sara, die u baarde; want Ik riep hem als eenling en Ik zegende hem en vermenigvuldigde hem.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ziet op naar Abraham, uw vader, Naar Sara, die u heeft gebaard: Hoe Ik hem heb geroepen, toen hij alleen stond, Hem heb gezegend en vermeerderd.
Dutch 2007 (HTB)
Ja, denk aan uw voorouders Abraham en Sara van wie u afstamt. U maakt zich zorgen omdat u met zo weinigen bent, maar Abraham was helemaal alleen toen Ik hem riep. En toen Ik hem zegende, groeide hij uit tot een machtig volk.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Kijk naar Abraham, jullie vader, en naar Sara, die jullie ter wereld heeft gebracht. Ik riep hem toen hij nog alleen was. Ik zegende hem en heb hem talrijk gemaakt.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Kijk naar Abraham, jullie vader, en naar Sara die jullie gebaard heeft. Want Ik heb hem geroepen toen hij nog een eenling was en Ik heb hem gezegend en hem talrijk gemaakt.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Ja, denk aan uw voorouders Abraham en Sara van wie u afstamt. U maakt zich zorgen omdat u met zo weinigen bent, maar Abraham was helemaal alleen toen Ik hem riep. En toen Ik hem zegende, groeide hij uit tot een machtig volk.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Aanschouwt Abraham, ulieder vader, en Sara, die ulieden gebaard heeft; want Ik riep hem, toen hij nog alleen was, en Ik zegende hem, en Ik vermenigvuldigde hem.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Aanschouwt Abraham, ulieder vader, en Sara, die ulieden gebaard heeft; want Ik riep hem, toen hij nog alleen was, en Ik zegende hem, en Ik vermenigvuldigde hem.