Isaiah 51:5 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Binnenkort zal Ik jullie redden. Mijn redding is onderweg. Ik zal rechtspreken over de volken. De landen langs de kust zullen op Mij vertrouwen. Ze zullen er op vertrouwen dat Ik hen help en red.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Mijn gerechtigheid is nabij, Mijn heil treedt tevoorschijn en Mijn armen zullen de volken oordelen, de kustlanden zullen op Mij wachten en op Mijn arm zullen ze hopen.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Mijn zege is nabij, mijn heil treedt te voorschijn, en mijn armen zullen de volken richten; op Mij zullen de kustlanden wachten en op mijn arm zullen zij hopen.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Snel nadert mijn gerechtigheid, mijn redding verschijnt, Mijn armen zullen de volkeren richten; Op Mij zullen de eilanden hopen, Verlangend uitzien naar mijn arm.
Dutch 2007 (HTB)
Mijn heil en gerechtigheid zijn in aantocht; uw redding is nabij. Ik zal de volken regeren; zij zullen op Mij wachten en met verlangen naar mijn komst uitkijken.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Mijn gerechtigheid is nabij, mijn redding is onderweg. Mijn machtige arm zal rechtspreken over de volken. De kustlanden zullen naar Mij uitzien, ze vestigen hun hoop op mijn arm.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Mijn gerechtigheid is nabij, mijn redding trekt uit en mijn armen zullen de volken oordelen, op Mij zullen de eilanden wachten en op mijn arm zullen zij hopen.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Mijn heil en gerechtigheid zijn in aantocht, uw redding is nabij. Ik zal de volken regeren, zelfs de eilanden verwachten Mij en verlangen naar mijn krachtig optreden.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Mijn gerechtigheid is nabij, Mijn heil trekt uit, en Mijn armen zullen de volken richten; op Mij zullen de eilanden wachten, en op Mijn arm zullen zij hopen.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Mijn gerechtigheid is nabij, Mijn heil trekt uit, en Mijn armen zullen de volken richten; op Mij zullen de eilanden wachten, en op Mijn arm zullen zij hopen.