Isaiah 57:16 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Want Ik zal niet voor altijd boos blijven. Als Ik altijd boos zou blijven, zouden jullie niet kunnen blijven leven. Terwijl Ik jullie toch het leven heb gegeven.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Want Ik zal niet voor eeuwig ter verantwoording roepen en Ik zal niet voor altijd zeer toornig zijn. Want de geest zou van voor Mijn aangezicht bezwijken, de zielen die Ík gemaakt heb.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Want Ik zal niet altoos twisten noch voor eeuwig toornig zijn, anders zou de geest voor mijn aangezicht bezwijken, terwijl Ik toch zelf de levensadem heb gegeven.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Neen, niet eeuwig blijf Ik vergramd, Niet altoos vertoornd; Want dàn zou hun geest voor mijn aanschijn versmachten, De zielen, die Ik zelf heb geschapen.
Dutch 2007 (HTB)
Want Ik zal niet altijd tegen u vechten, noch voor altijd mijn toorn op u loslaten; als Ik dat deed, zou de hele mensheid verdwijnen; mensen, die Ik Zelf gemaakt heb.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Want Ik zal jullie niet voor eeuwig aanklagen, Ik zal niet voor altijd zo verontwaardigd zijn, want jullie geest zou voor Mij bezwijken – de levensadem die Ik hun gegeven heb.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Want Ik zal niet voor eeuwig twisten en Ik zal niet voortdurend in toorn uitbarsten, want dan zou alle geest van voor mijn aangezicht wegkwijnen, de zielen die Ik gemaakt heb.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Want Ik zal niet altijd tegen u vechten, noch voor altijd mijn toorn op u loslaten. Als Ik dat deed, zou de hele mensheid verdwijnen, mensen die Ik Zelf gemaakt heb.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
Want Ik zal niet eeuwiglijk twisten, en Ik zal niet geduriglijk verbolgen zijn; want de geest zou van voor Mijn aangezicht overstelpt worden, en de zielen, die Ik gemaakt heb.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
Want Ik zal niet eeuwiglijk twisten, en Ik zal niet geduriglijk verbolgen zijn; want de geest zou van voor Mijn aangezicht overstelpt worden, en de zielen, die Ik gemaakt heb.