Jeremiah 24:6 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Ik zal goed voor hen zijn en hen naar dit land terugbrengen. Ik zal voor hen zorgen en hen niet vernietigen. Ik zal hen weer hier terugbrengen en tot een groot volk maken. Ze zullen hier voor altijd wonen.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
Ik zal Mijn oog op hen gericht houden ten goede en Ik zal hen naar dit land doen terugkeren. Ik zal hen bouwen en niet afbreken. Ik zal hen planten en niet wegrukken.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
Ik zal mijn oog op hen slaan, ten goede, en Ik zal hen naar dit land doen terugkeren; Ik zal hen bouwen en niet afbreken, hen planten en niet uitrukken;
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Ik zal een genadige blik op hen werpen, En breng ze weer terug in dit land; Ik bouw ze op, en breek ze niet af, Ik plant ze, en ruk ze niet uit.
Dutch 2007 (HTB)
Ik heb het voor hun bestwil gedaan. Ik zal ervoor zorgen dat zij goed worden behandeld en hen hier weer terugbrengen. Ik zal hen helpen en geen pijn doen; Ik zal hen planten en niet uitrukken.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Ik heb het goede met hen voor en Ik zal hen in dit land terugbrengen. Ik zal hen opbouwen, niet afbreken; Ik zal hen planten, niet uittrekken.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
Ik zal mijn oog ten goede op hen gericht houden en hen weer in dit land terugbrengen. Ik zal hen opbouwen en niet afbreken, Ik zal hen planten en niet uitrukken.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Ik heb het voor hun bestwil gedaan. Ik zal ervoor zorgen dat zij daar goed worden behandeld en hen hier weer terugbrengen. Ik zal hen helpen en geen pijn doen, Ik zal hen planten en niet uitrukken.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En Ik zal Mijn ogen op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En Ik zal Mijn oog op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken.