Jeremiah 3:18 — Compare Translations
10 translations compared side by side
Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
In die tijd zal Juda naar Israël gaan. Ze zullen samen uit het land in het noorden terugkomen naar het land dat Ik aan jullie voorouders gegeven heb.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
In die dagen zal het huis van Juda naar het huis van Israël gaan. Tezamen zullen zij komen uit het land in het noorden naar het land dat Ik uw vaderen in erfelijk bezit heb gegeven.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
In die dagen zal het huis van Juda naar het huis van Israël gaan, en zij zullen tezamen uit het Noorderland komen naar het land dat Ik aan uw vaderen ten erfdeel gegeven heb.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
In die dagen zal het huis van Juda Zich met het huis van Israël verenigen; En tezamen uit het Noorderland trekken naar het land, Dat Ik ten erfdeel gaf aan hun vaderen!
Dutch 2007 (HTB)
In die tijd zullen de volken Israël en Juda gezamenlijk terugkeren uit de ballingschap naar het land dat Ik hun voorouders als een eeuwige erfenis gaf.
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
In die tijd zal het huis van Juda zich bij het huis van Israël voegen. Samen zullen ze uit het land in het noorden terugkomen naar het land dat Ik jullie voorouders in bezit gegeven heb.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
In die dagen zal het huis van Juda naar het huis van Israël toegaan. Samen zullen zij uit het land in het noorden komen naar het land dat Ik jullie vaderen als erfdeel gegeven heb.”
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
In die tijd zullen de volken Israël en Juda gezamenlijk terugkeren uit de ballingschap naar het land dat Ik hun voorouders als een eeuwige erfenis heb gegeven.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
In die dagen zal het huis van Juda gaan tot het huis van Israël; en zij zullen te zamen komen uit het land van het noorden, in het land, dat Ik uw vaderen ten erve gegeven heb.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
In die dagen zal het huis van Juda gaan tot het huis van Israel; en zij zullen te zamen komen uit het land van het noorden, in het land, dat Ik uw vaderen ten erve gegeven heb.