Jeremiah 37:15 — Compare Translations

10 translations compared side by side

Dutch (BB) 2016 BasisBijbel
Zij werden kwaad op me en sloegen me. Daarna zetten ze me gevangen onder het huis van de schrijver Jonatan. Want de kelder van Jonatans huis was omgebouwd tot gevangenis.
Dutch (HSV) 2017 (Herziene Statenvertaling)
De vorsten werden erg kwaad op Jeremia. Zij sloegen hem en zetten hem in de gevangenis, in het huis van de schrijver Jonathan, want dat hadden zij tot gevangenis gemaakt.
Dutch (NBG) Nederlands Bijbel Genootschap 1951
En de vorsten werden toornig op Jeremia, gaven hem slagen en zetten hem in de gevangenis in het huis van de schrijver Jonatan, want dat hadden zij tot kerker ingericht.
Dutch 1939 (De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939)
Men bracht Jeremias in een gewelfde kelder, waar hij lange tijd verbleef.
Dutch 2007 (HTB)
Deze waren woedend op Jeremia, sloegen hem en zetten hem gevangen onder het huis van de secretaris Jonathan, in een ruimte die tot gevangenis was omgebouwd. Jeremia had daar een flinke tijd gezeten,
Dutch 2023 (Venster Bijbel)
Deze waren woedend op Jeremia en lieten hem stokslagen geven. Daarna zetten ze hem gevangen in het huis van de schrijver Jonatan, dat als gevangenis werd gebruikt.
Dutch 2024 (EBV24 een Eigentijdse Bijbelvertaling)
De vorsten werden erg kwaad op Jeremia en sloegen hem en zetten hem in de gevangenis, in het huis van de schrijver Jonathan, want daarvan hadden zij een huis van bewaring gemaakt.
Dutch HTB 2007 (Het Boek)
Deze waren woedend op Jeremia, sloegen hem en zetten hem gevangen onder het huis van de secretaris Jonathan, in een ruimte die tot gevangenis was omgebouwd, waar hij lange tijd zou moeten blijven.
Dutch SVV 2018 (Statenvertaling Jongbloed-editie)
En de vorsten werden zeer toornig op Jeremía en sloegen hem; en zij stelden hem in het gevangenhuis, ten huize van Jónathan, den schrijver; want zij hadden dat tot een gevangenhuis gemaakt.
Dutch Statenvertaling (Importantia edition)
En de vorsten werden zeer toornig op Jeremia en sloegen hem; en zij stelden hem in het gevangenhuis, ten huize van Jonathan, den schrijver; want zij hadden dat tot een gevangenhuis gemaakt.